Spring naar inhoud

Dashboard ABP, PFZW,PMT, PME & bpfBOUW 2017

14 juni 2018

____________________________________________________________________________________________________________________________________________

Deze bijdrage is een actualisering van de 4e kwartaal 2017 gegevens van de vijf grote bedrijfspensioenfonden aan de hand van de jaarverslagen 2017 en de pensioencijfers 2017 van de pensioenfondsen, voorzover thans beschikbaar.

____________________________________________________________________________________________________________________________________________

§1 Geactualiseerd dashboard eind 2017

Tabel 1 Dashboard

♦ Omdat al het cijfermateriaal FTK driven is, kan men beter eerst even kennisnemen van een aantal kritische opmerkingen over de wijze waarop dit cijfermateriaal wordt bepaald. Gezien de beknoptheid van de papers van Frijns en De jong ga ik hier hun punten niet herkauwen maar verwijs naar hun papers voor de evaluatie van het FTK door de Tweede Kamer. [8]

♦ Inmiddels wordt wel algemeen erkend dat de beleidsdekkingsgraad een volstrekt onbetekende grootheid is. Ook de reële dekkingsgraad is een stukje folklore zolang reëel niet eenduidig gedefinieerd wordt en van indexatie voor vier van de grote bedrijfspensioenfondsen een verre stip (∞) op de horizon is.

♦ Doordat het FTK geen voorschrift meer kent ten aanzien van een minimale
premiedekkingsgraad gaat nieuwe opbouw ten laste van met name gepensioneerden en de oudere actieve deelnemers. Nieuwe opbouw werkt daardoor vertragend op het herstel. In elk geval valt op dat de hoogte van premiedekkingsgraad bij de overheid van 69% een godgeklaagd schandaal is. Maar ja als de jongeren daarover gaan zeuren moeten ze natuurlijk wel meer belasting gaan betalen.

♦ “Sinds de inwerkingtreding van het nFTK in 2015 hebben de ingelegde premies gemiddeld genomen de kostprijs van het pensioen niet gedekt. De financiering van de nieuwe pensioenopbouw is daarmee ten koste gegaan van de financiële positie van de pensioenfondsen. In 2015-2017 werd op deze wijze in totaal voor € 15,9 miljard aan nieuwe pensioenopbouw gesubsidieerd uit het vermogen van de pensioenfondsen. Tegelijkertijd werden pensioenen, ondanks dat er tekorten waren,meerdere jaren achter elkaar volledig uitgekeerd. In 2015-2017 werd op deze wijze een totaal van € 1,9 miljard uitgekeerd ten laste van het fondsvermogen.”[7] In totaal gaat het dus om € 17,8 mld., waarvan minstens € 10,2 mld. valt toe te rekenen aan de vijf grote bedrijfspensioenfondsen. De jongeren hoor je hier ook nooit over.

§1.1 Relatieve belang van de vijf grote fondsen

Tabel 2 Relatieve belang bedrijfspensioenfondsen

♦ Het verloop van de algemene reserves van de grote vijf t.o.v. de totale algemene reserve geeft aan hoe “goed” deze vijf grote fondsen het doen en is een graadmeter voor de de actuele en op termijn de beleids-dekkingsgraad.

§2 Aantallen

Tabel 3 Aantallen bedrijfspensioenfondsen

♦ Door de grote aantallen gewezen deelnemers met vaak kleine flutpensioentjes zijn deze aantallen in totaal nietszeggend.

§3 Herstelplannen

De beoordeling van de herstelplannen door DNB gaat niet veel verder dan dat het geheel is nagerekend aan de hand van een invultemplate, waarbij voor de beleggingsparameters door de pensioenfondsen systematisch de bovenkant van de range wordt gekozen. De “bovenkant” is overigens acceptabeler dan DNB vagelijk suggereert. [8 de Jong] De samenvatting voor alle fondsen is als volgt [2]:

Tabel 4 samenvatting herstelplannen alle pensioenfondsen en grote vijf

♦ DNB vermeldt daarbij “hoe groot de beleggingen in zakelijke waarden waren, in welke mate het renterisico is afgedekt en hoe hoog de premiedekkingsgraad is, oftewel, hoe hoog de premie is die wordt geheven.”. Naar in aanneem slaat het renterisicio op het renterisico op de beleggingen en niet op de hanky panky rekenexcercitie van DNB om de UFR te bepalen. [3] De suggestie die DNB hier lijkt te doen is dat de herstelplannen niet het papier waard zijn waarop ze geschreven zijn. Waarbij en wannneer hebben we een dergelijke houding van DNB eerder gezien? (hint 2008) Het indekken van  renterisico’s creëert overigens ook een risico en alleen veehouders mogen een koe in zijn kont kijken. Zoals uit tabel 5 blijkt, kun je bij elk herstelplan wel een leuterverhaal schrijven over het behaalde rendement in enig jaar t.o.v. de projectie: de hele financiële wereld leeft ervan.

♦ Indien de pensioenfondsen met een reële rekenrente mochten rekenen, kunnen de herstelplannen de stortkoker in en kan het geld dat de pensioenfondsen daaraan besteden aan de pensioendeelnemers worden uitgekeerd. DNB concludeerde immers:

“DNB heeft onlangs de beoordeling van de herstelplannen van 157 pensioenfondsen afgerond. Daaruit komt naar voren dat, net als in 2015 en 2016, pensioenfondsen dit jaar verwachten te herstellen door hoge verwachte beleggingsresultaten in hun herstelplannen op te nemen. In de herstelplannen draagt de premie over het algemeen negatief bij aan het herstel. Dat komt omdat veel fondsen de premie dempen, waardoor ze een lagere premie heffen dan voor de inkoop van de pensioentoezegging nodig is.”

♦ De misleidende DNB-grafiek “Verwachting 2015 vs werkelijkheid” herhalen we hier maar niet: zou DNB vergeten zijn wat de rendementen op de vastrentende waarden  zijn geweest in 2014 en de consequenties voor volgende jaren? [2]  We stellen daar onze grafiek van de vijf grote fondsen tegenover:

Grafiek 1 5 jaars gemiddeld rendement grote bedrijfspensioenfondsen

♦ Het ontstane gat in 2008 was in 2009-2010 al grotendeels hersteld. Die goeie ouwe 4% was kennelijk zo gek nog niet.

of in tabelvorm per jaar:

Tabel 5 Rendement vijf grote bedrijfspensioenfondsen

♦ De tabel kunt u als volgt lezen:

Een 67-jarige ABP’er die 1/1/2003 met pensioen zou zijn gegaan met nog ≈ 15 levensjaren te gaan had gedurende de hele looptijd (2018K1) van zijn pensioen een rendement van 7,7% gemaakt. Een deel was nodig om de lage premiedekkingsgraad op te vangen maar de vraag die hij nog wel aan zijn pensioenfonds moet stellen voor hij echt de pijp uitgaat is wie er met het overige overrendement vandoor is gegaan en hoeveel geld hij hiervan zelf heeft gevangen?

♦ Het is toch volstrekt logisch dat deze vijf grote fondsen gezien de “slechte” rendementen op het strafbankje van DNB terecht zijn gekomen. We zullen zien wat er gebeurt als Draghi zijn handeltje opdoekt en de rente eindelijk gaat stijgen [ ? 5] en hoe slim het uiteindelijk was om het renterisico in grote mate in te “dekken”.

♦ Om de “pure misleiding van DNB-gehalte” van de heer Kortekaas even te adresseren (zie zijn reactie). Die 3,4% slaat alleen op een doorrekening van de samengestelde rente met de rekenrente van dat ogenblik. Die rekenrente heeft natuurlijk betrekking op de toekomstige rente. DNB pretendeert in zijn wijsheid de risicovrije rente voor de komende 100 jaar te kunnen voorzien door de risicovrije rente te extrapoleren [3]. Die UFR-grafiek ziet er dan voor de jaren 2005-2018K1 als volgt uit [4]:

Grafiek 2 UFR 2005-2018K1

♦ U begrijpt het natuurlijk al: inmiddels is het eind maart 2118 en de rente is dan opgelopen tot wel  2,2%, uiteraard risicovrij. Het rendement op basis van de UFR bedraagt de eerstkomende 5 jaar gemiddeld 0,03%. Het is maar goed dat het rendement op pensioenvermogen is vrijgesteld van vermogensrendementsheffing (VRH). Het Ministerie van Financiën heeft voor de vaststelling van die forfaitaire rendementspercentages nieuwe stijl een diepgaande studie verricht en komt tot de conclusie dat de grotere vermogens fluitend 5,38% rendement kunnen halen. Zei Zalm niet bij de introductie van de VRH in 2001 : “Elke sukkel haalt meer dan 4% rendement”. De pensioenfondsen bewijzen dat dit, althans voor een profesionele vermogensbeheerder, nog steeds het geval is. Alleen DNB is, met instemming van een meerderheid van onze parlementariërs, een andere mening toegedaan.

♦ De rendementen van de grote vijf zijn overigens niet uitzonderlijk zoals ik in § 3 van de bijdrage Fransman’s politieke compromis al eens uiteenzette.

♦ Teulings heeft er in ESB terecht opgewezen dat de pemsioenlobby particuliere belangen heeft die in hun voorstellen tot uitdrukking komen. Dit is b.v. het geval met de aan te houden buffers, die niet negatief mogen zijn, en daarom per definitie alleen de toekomstige generatie ten goede kunnen komen, zo dit geld ooit aan de pensioenpot ontsnapt. Laat het FTK-stelsel weinig attractief blijven en de publieke opinie wordt rijp gemaakt om de vrije markt ruim baan te geven. Die 7 miljoen woekerpolissen is men allang vergeten, hoewel die lang nog niet allemaal al zijn afgewikkeld.

♦ “Pensioenfondsen hebben tegenvallers altijd deels doorgeschoven naar toekomstige generaties.”. aldus Teulings. [6] Me dunkt dat de huidige pensioengeneratie daarop een uitzondering vormt door een groot deel van de overrendementen door te schuiven naar de toekomstige generatie. (– zie ook)

____________________

Laatste bijgewerkt 18 juni 2018

Disclosure: geen belanghebbende, want ik heb geen noemenswaardig pensioen.

[1] Bronnen

[1a] Jaarverslag ABP, http://jaarverslag.abp.nl/docs/ABP_JV_2017/pdfs/ABP_JV_2017_00_Totaal.pdf

[1b] Jaarverslag PFZW, https://www.pfzw.nl/Documents/Over-ons/jaarberichten-en-jaarverslagen/PFZW_jaarverslag_2017.pdf

Voor de indexatie-achterstand (niet bij)

https://www.pfzw.nl/over-ons/over-ons/indexering-van-het-pensioen/Paginas/default.aspx

[1c] Jaarverslag PMT,

https://www.bpmt.nl/client/bpmt/upload/downloads/182083%20PMT%20JV2017%20DIGI.pdf

[1d] Jaarverslag PME,

https://www.metalektropensioen.nl/client/pme/upload/downloads/Downloadspagina/Jaarverslagen/PME_jaarverslag_2017_incl_MVB.pdf

Voor de indexatie-achterstanden

https://www.metalektropensioen.nl/client/pme/upload/downloads/Downloadspagina/Formulieren/RET435-1_2017.pdf

[1e] Jaarverslag bpfBOUW, https://www.bpfbouw.nl/images/Jaarverslag_2017.pdf

[2] DNB, “DNBulletin: Herstel pensioenfondsen: perspectief op indexatie verbeterd “,

https://www.dnb.nl/nieuws/nieuwsoverzicht-en-archief/DNBulletin2018/dnb376714.jsp

[3] https://www.tweedekamer.nl/downloads/document?id=1f71f990-7a8c-43ad-b768-7de419cb7de2&title=Position%20paper%20J.%20Frijns%20t.b.v.%20hoorzitting%2Frondetafelgesprek%20Evaluatie%20Financieel%20Toetsingskader%20%28FTK%29%20d.d.%2017%20mei%202018.docx

[4] DNB,”Nominale rentetermijnstructuur pensioenfondsen (zero coupon)”,

https://statistiek.dnb.nl/downloads/index.aspx#/details/nominale-rentetermijnstructuur-pensioenfondsen-zero-coupon/dataset/8abd7ed2-8d45-47c7-91f8-b799d6202617/resource/2ea627aa-7f73-4be0-bc7c-4918cd8ba4b9

[5] FAZ, “Die Zinsen bleiben niedrig”,

http://www.faz.net/aktuell/wirtschaft/eurokrise/ezb-kommentar-die-zinsen-bleiben-niedrig-15640352.html

[6] C Teulings, Position paper,

https://www.tweedekamer.nl/downloads/document?id=88be027f-ebe7-4ad1-84a0-8bea88ad3c02&title=Position%20paper%20C.%20Teulings%20t.b.v.%20hoorzitting%2Frondetafelgesprek%20Evaluatie%20Financieel%20Toetsingskader%20%28FTK%29%20d.d.%2017%20mei%202018.pdf

[7] DNB, Met het nFTK nog niet in balans,

https://www.tweedekamer.nl/downloads/document?id=f8538506-3bb9-4f0b-8756-cb1badf776fa&title=Position%20paper%20DNB%20t.b.v.%20hoorzitting%2Frondetafelgesprek%20Evaluatie%20Financieel%20Toetsingskader%20%28FTK%29%20d.d.%2017%20mei%202018.pdf

[8] ] In het bijzonder:

Inbreng Jean Frijns, versie 7 mei

https://www.tweedekamer.nl/downloads/document?id=1f71f990-7a8c-43ad-b768-7de419cb7de2&title=Position%20paper%20J.%20Frijns%20t.b.v.%20hoorzitting%2Frondetafelgesprek%20Evaluatie%20Financieel%20Toetsingskader%20%28FTK%29%20d.d.%2017%20mei%202018.docx

Position Paper Han de Jong

https://www.tweedekamer.nl/downloads/document?id=c60512d1-94f0-4f6a-8ea9-6c6e96c4b37b&title=Position%20paper%20H.%20de%20Jong%20t.b.v.%20hoorzitting%2Frondetafelgesprek%20Evaluatie%20Financieel%20Toetsingskader%20%28FTK%29%20d.d.%2017%20mei%202018.pdf

Alle papers:

https://www.tweedekamer.nl/debat_en_vergadering/commissievergaderingen/details?id=2018A01210

Het evaluatierapport zelf, van Willis Towers Watson vindt u hier:

https://www.rijksoverheid.nl/binaries/rijksoverheid/documenten/rapporten/2018/03/08/evaluatie-wet-aanpassing-financieel-toetsingskader/rapport+WTW+-+Rapport+evaluatie+FTK+def.pdf

 

Advertenties

From → 0. Permanent

2 reacties
  1. Dhr JC Kortekaas permalink

    In de laatste tabel staat een rekenrente over ruim 15 jaar van 3,4%

    Dat is pure misleiding van DNB-gehalte.

    DNB disconteert met de waan van de maand,1,5%, het eerste jaar zelfs -0,3%, en niet met een 15jaars gemiddelde.

    Dat was juist de in december 2010 aangenomen en niet uitgevoerde motie Ulenbelt.

    Een stabiele disconteringsrente, risicovrij, geeft juist rust aan het bestuur van pensioenfondsen.

    Een rekenrente van 3,4% is onbespreekbaar in de Tweede Kamer.

    Daar wordt al gehuild als 50Plus de rekenrente tijdelijk op 2% wil fixeren, zoland de ECB de balans opblaast.

    “Denk aan de ongeboren kinderen!””

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.

%d bloggers liken dit: