Skip to content

Opdoeken die omkeerregel pensioenen!

9 augustus 2017

___________________________________________________________________________________________________________________

In deze geheel herziene bijdrage zullen we nog eens uiteenzetten waarom we het fiscale misbaksel dat de omkeerregel pensioen heet zo snel mogelijk moeten opdoeken. De financiële ontwrichting van de overheidsfinanciën maakt dat daar alle reden toe is.

___________________________________________________________________________________________________________________

§1 Inleiding

Pensioenbobo’s zijn een warm pleitbezorger van de omkeerregel pensioenen als smeermiddel voor de pensioenplicht.[b.v. 1] Wie zou er immers anders thans nog vrijwillig geld in de momenteel slecht renderende pensioenpot stoppen? Indexatie van de pensioenrechten vindt nauwelijks plaats en door de dalende rekenrente werden je bestaande pensioenrechten ook nog eens verlaagd ten gunst van de jongere generatie. De rendementen waren tot voor kort uitstekend, maar wat heb je daaraan als dat rendement verdwijnt in het zwarte gat van de FTK-rentetermijnstructuur? Bovendien ontwricht de omkeerregel pensioenen de financiële overheidshuishouding resulterend in belastingderving en daarmee te hoge huidige belastingen en een niet bestaande overheidsschuld waardoor we de broekriem al vele jaren onnodig moeten aanhalen. Het besteedbaar inkomen wordt er ook al niet beter van.

Bij de verdere uitwerking gaan we ervan uit dat de huidige pensioenregeling van kracht blijft. Er is echter geen enkele reden om de huidige voorschriften met een opbouwpercentage van b.v. 1,875% per jaar over de pensioengrondslag te handhaven en zo in 40 jaar 75% van het gemiddeld salaris na aftrek van de AOW-franchise van b.v. nu € 13.000 op te bouwen. Die AOW-franchise verschilt door de pensioenfolklore per fonds terwijl de AOW toch echt een landelike regeling is. Een verplicht pensioen tot b.v. maximaal netto € 20.000 boven de AOW zou ook volstaan. [2b] Daarboven mag men het dan lekker geheel zelf uitzoeken. Men zou zelfs kunnen stellen dat een verplicht pensioen nu dat van een rekenrente van 1,5 % uitgaat bij een inflatie van 1,4% in 2018 (juni raming) bijna in strijd is met artikel 1 van het Eerste Protocol (EP) bij het EVRM.

De ontwrichting van de overheidsfinanciën door de omkeeregel pensioenen laat zich slechts zeer globaal in kaart brengen door de veelal gebrekkige statistieken [1]:

Tabel 1 Enkele kengetallen

(1) De herkomst van de cijfers – deels grove indicatieve schattingen – zijn in noot[1] nader per letter toegelicht.

(2) Zoals de lezers van deze site weten hebben we al jaren geen overheidsschuld meer, daar hoeven we hier dus geen woorden aan vuil te maken.

(3) Het positieve saldo van betaalde interest op de overheidsschuld en het rendement op de belastingclaim pensioenen bedraagt indicatief + € 27,4 mld. (e+f) of 3,8% bbp 2017. Dat rendement staat niet in de boeken van de staat.

(4) Het geneuzel van macro-economen met hun zorgen rond het structurele begrotingssaldo wordt daarmee volstrekt lachwekkend.[7].  In 2014 nam de belastingclaim op het pensioenvermogen met € 82 mld. (12,3% bbp_2014) toe en in 2012 met € 50 mld. (7,8% bbp_2012). Dat waren weliswaar bijzonder goede jaren maar toch bleven het CBS, DNB, het CPB , de politici en de media mekkeren over ons dus niet bestaande EMU-“tekort”. (2012: € 25,1 mld. en 2014: 15,0 mld.)

(5) Door de omkeerregel pensioenen moet jaarlijks ca. € 23,4 mld. (j+k) extra belasting worden opgebracht, geen kattepis in relatie tot € 97 mld. loon- en inkomstenbelasting 2017. Dat pensioeninkomen werd wel verdiend en de prestatie die daaraan ten grondslag lag was wel in ons bbp opgenomen. (matching principle)

(6) De vrijstelling VRH kost ca 1,2% van € 1.077,6 mld. (oude regime ≈ nieuwe regime) of € 12,9 mld. belasting. Daar moet dan nog wel de bestaande vrijstelling VRH vanaf voorzover het maxium nog niet is bereikt. Daarnaast zal de vrijstelling ongetwijfeld substantieel moeten worden verhoogd, vandaar dat geen bedrag is toegekend in de tabel.

(7) Het is goed om zich te realiseren dat al die gaten in de overheidsfinanciën onstaan door de privileges van de pensioendeelnemers. Burgers die geen pensioenregeling hebben (b.v. zzp’ers), mogen als belastingplichtige alleen aan de regeling meebetalen. Voor kleine pensioentjes geldt dat materieel ook. In elk geval is de belastingprogressie een stukje minder dan het CBS ons altijd weer voorschotelt met zijn onvolledige besteedbaar inkomen- en koopkrachtplaatjes om over het inkomen uit vermogen maar te zwijgen.

(8) De conclusie is dat we het hier niet over klein bier hebben, en dat de kwalificatie ontwrichting dus zeker niet misplaatst is.

§2 De omkeerregel pensioenen

De omkeerregel pensioen houdt in dat pensioenpremies zonder belastingheffing en heffing volksverzekeringen/sociale premies aan een pensioenlichaam kunnen worden afgedragen binnen het zogenaamde fiscale Witteveen kader. Er is een scala aan mogelijkheden om pensioen op te bouwen naast AOW (1e pijler) en de voor veel werknemers verplichte deelname aan een pensioenregeling bij een pensioenfonds of verzekeringsmaatschappij (tweede pijler) kennen we ook de derde pensioenpijler. Ondernemers kunnen een pensioen reserveren met de Fiscale OudedagsvooRziening (FOR-faciliteit) of een pensioen opbouwen in eigen beheer. Daarnaast kan men nog een lijfrente afsluiten binnen het zgn. fiscale Witteveen kader. Aan die derde pensioenpijler hebben we ook de door de financiële maffia, onder het wakend oog van de toezichthouders, ontwikkelde 7 miljoen woekerpolissen te danken. De omvang van het onbekende deel van de derde pensioenpijler is statistisch gezien een black box, maar niet onbelangrijk: eind 2012 bedroeg die volgens Knot ca € 181 mld. (30% bbp_2012).

Bij storting van de pensioenpremie ziet de staat af van gemiddeld ca 52% belasting en sociale premies, de pensioenuitkering wordt t.z.t. tegen ca 35% belast.[3] De staat derft dus ca 17% opbrengsten op elke gestorte euro premie (werknemers en “werkgevers”- deel). Werkgever staat hier tussen aanhalingstekens, want de werkgeverspremie wordt natuurlijk betaald uit de loonruimte van de werknemer. Die gederfde belasting en sociale lasten moet toch worden opgebracht en de huidige generatie betaalt dus twee keer belasting: één keer om de belastingderving nù op te vangen (ook door de niet-pensioendeelnemers) en één keer bij de pensioenuitkering. Het enige dat dus feitelijk wordt omgekeerd is de portemonnee van de belastingbetaler.

Het pensioenvermogen is vrijgesteld van vermogensrendementsheffing (VRH). Uiteraard hebben het dan over 65% van het pensioenvermogen dat de burger t.z.t. in handen krijgt en niet over 100% van het pensioenvermogen zoals dat systematisch onjuist door het CBS en CPB wordt gepresenteerd. Een dergelijk VRH-heffing zou wel voor de hand liggen, uiteraard met een hogere VRH-vrijstelling.

Volgens een jezuïtische redenering van het CBS is pensioenvermogen geen vermogen omdat het geen bezit is dat “op korte of middellange termijn kan worden omgezet worden in consumptieve bestedingen of leidt tot inkomsten die deel uitmaken van het inkomensbegrip besteedbaar inkomen.” Pensioenfondsen zijn “ageing giants”: meer dan 60% van het totale pensioenvermogen is bestemd voor pensioenen, die al zijn ingegaan of die binnen 10 jaar zullen ingaan. (commissie Frijns 2010). Dat pensioenvermogen “komt in elk geval beschikbaar” voor een aantal ondernemers als hun pensioenafspraak in eigen beheer in de (pensioen-)BV niet voor verwezenlijking vatbaar is door een negatief vermogen en ook kan dat pensioenvermogen gewoon worden geërfd. De FOR kan je naar believen laten vrijvallen, maar dat vermogen kent het CBS niet eens. De laatst bekende gegevens over het pensioen in eigen beheer dateren uit 2009 moest Wiebes onlangs aan de Tweede Kamer bekennen.

De staat maakte jaarlijks een rendement op de belastingclaim die de rente op de overheidsschuld verre overtreft. Het pensioenvermogen, en daarmee de belastingclaim, groeide de afgelopen 20 jaar met 7,8% per jaar (CPB: ca  fiftyfifty premie en beleggingsresultaat) exclusief de derde pensioenpijler. Materieel is de overheidsschuld belegd in het pensioenvermogen. De staat heeft nauwelijks iets te zeggen over het beleggingsbeleid en loopt een aanzienlijk oncontroleerbaar risico over dat vermogen. Daarnaast is er een mismatch tussen de looptijd van de staatsleningen en de realisatie van de belastingclaim op de pensioenuitkeringen en wordt er dus renterisico en rendementsrisico gelopen. In de risico-analyse van de staat vindt u hiervan niets terug [6]

§3 Argumenten voor afschaffing belastingfaciliteiten pensioenen

(1) De overheid heeft zich niet paternalistisch te bemoeien met de wijze waarop de burgers sparen en de belastingheffing met economisch neutraal opereren, waardoor de burger zelf een optimale spaarmix (eigen huis, pensioen, beleggingen, kapitaalverzekeringen, lijfrenten en overige spaarvormen) kan kiezen. Om een na ons de zonsvloed mentaliteit te adresseren kan een sociaal minimum pensioen verplicht worden gesteld (ook voor zzp’ers) te financieren uit het netto beschikbaar inkomen. De AOW die dan wel welvaartsvast moet zijn vormt de bodem en basis, de AOW-franchise moet dan wel aan de werkelijke AOW-uitkering worden gekoppeld.

(2) Bij de belastingheffing dient de overheid uit te gaan van het matching principle: inkomen wordt belast als het verdiend is en de prestatie wordt geleverd. Het werkgevers- en werknemersdeel van de pensioenpremie is verdiend loon dat direct in de belastingheffing moet worden betrokken tegen het progressieve tarief in box 1.

(3) Het pensioen moet netto gespaard worden en hoort net als andere vermogenscomponenten onder de vermogensbelasting te vallen. De vrijstelling vermogensrendementsheffing moet dan wel aanzienlijk omhoog, zeker als we en passant de eigen woning ook in de VRH betrekken.

(4) De contante waarde van een belastingclaim die je eigenlijk nooit in handen krijgt, is bedrijfseconomisch gezien nihil.  Omdat de belastingclaim op het pensioenvermogen alleen maar oploopt, wordt steeds meer geld aan de economie onttrokken. Zo bedraagt de belastingclaim op het pensioenvermogen in 2040 naar schatting € 1.036 mld. en in 2060 € 1.876 mld.

(5) Het argument dat het uitstellen van de belastingheffing in de toekomst tot hogere belastinginkomsten zal leiden om de zorgkosten en AOW te betalen snijdt dus geen hout. In de toekomst wordt immers ook weer pensioenpremie afgetrokken die berekend wordt over een hopelijk hoger loon. De belastingclaim neemt naar verwachting slechts toe. (zie punt 4). Als het CBS de AOW-verplichting waardeert moet het die verplichting wel berekenen tegen een realistische rekenrente en rekening houden met de belastingen en premies die de staat onmiddellijk bij uitkering weer opstrijkt.

§4 Een overgangsregel om de transitie mogelijk te maken

Omdat de pensioenvermogens niet per deelnemer verbijzonderd zijn, lijkt de opheffing van de omkeerregel uiterst problematisch en moeten we die regel wel handhaven is een vaak gehanteerde redenering pour les besoins de la cause. Een werknemer die geen pensioenregeling heeft, betaalt progressieve belasting box 1 over zijn hele inkomen en betaalt VRH over zijn besparing. Per saldo is hij dus het progressienadeel en de VRH slechter af in vergelijking met de pensioendeelnemer. Dit maakt(e) de pensioenregeling zo aantrekkelijk voor de hogere inkomens. (” De pensioenopbouw is in voorkomende gevallen zodanig groot dat deze niet meer als hoofddoel het bieden van een oudedagsvoorziening heeft, maar er veel meer sprake is van vermogensopbouw.” – commissie Van Weeghel)

We zullen een oplossing aan de hand doen om dit probleem tijdelijk op te lossen tot het pensioenvermogen per deelnemer verbijzonderd is. Als het aan de politiek ligt is dat overigens met sint-juttemis. Daarbij blijft de progressieve belastingheffing in box 1 op de uitkering in tact.

We komen dan ook tot de volgende Interimregeling:

(a) Alle pensioenvermogens bij de pensioenlichamen worden eenmalig belast met 30% voorbelasting, vergelijkbaar met de dividendbelasting. onder renteverrekening in vijf jaar om een de beleggingsportefeuille verantwoord te laten afwikkelen, De staat laat dus nog voorlopig 5% in de pensioenpot zitten of toch nog steeds €82,9 mld.;

(b) Op gestorte pensioenpremies wordt door het pensioenlichaam 30% voorbelasting ingehouden;

(c) Rendementen worden door vermogensvergelijking voorbelast tegen 30%.

(d) bij de pensioenuitkering wordt de 30% voorbelasting verrekend, voor de lage uitkeringen kan dat betekenen dat de staat de te veel ingehouden belasting moet aanvullen. De progressie blijft dus gehandhaafd.

(e) Op deze wijze worden alle mutaties in het pensioenvermogen voorbelast. Per saldo ontvangt de overheid nog gemiddeld 5% bij de pensioenuitkering.

De systematiek is vergelijkbaar met de dividendbelasting. De pensioenuitkering blijft dus gelijk aan het oude systeem en de progressie in box 1 blijft gehandhaafd.

Naar de stand per 31/3/2017 (tabel 1) komt op deze wijze € 497 mld. vrij, genoeg om de overheidsschuld van 422,6 mld. af te lossen. Het geld dat overblijft € 75,6 mld. is grotendeels nodig om het verschil tussen nominale waarde en marktwaarde van de overheidsschuld op te vangen. (€ 55,1 mld.) [4] We zijn dus schuldvrij als het CBS en CPB tenminste nu wel ordentelijk gaan boekhouden.

De afwikkeling van de overheidsschuld valt dan als volgt samen te vatten:

Tebel 2 Afwikkeling overheidsschuld

Die € 102,6 mld. (een jaar geen loon- en inkomstenbelasting) kan zo spoedig mogelijk aan de burgers, die toch al geen overheidsschuld meer nalaten, worden teruggegeven. Alternatief gaat het van mijn part in een potje om de extra hoge AOW-lasten tot ca 2040 op te vangen, maar dan moet die AOW wel waardevast blijven. Voorwaarde is wel dat die jongeren eindelijk eens hun grote bek houden (in het bijzonder die “Jonge” Democraten) over die ouderen die niets voor de jongeren overlaten.

Het wordt nu tijd om, zo goed en zo kwaad als dat gaat, de rekening op te maken. We hoeven geen rente op de overheidsschuld meer te betalen, maar zijn ook het rendement op de belastingclaim kwijt, waar we toch al geen zicht op hadden en waar de toekomstige generatie mee schootging. De inkomstenbelasting in box 1 en de premie-inkomsten  vallen  € 23,4 mld. hoger uit. (tabel 1) De belasting op de pensioenuitkeringen valt echter lager uit. (pensioenuitkeringen pensioenfondsen 2015 € 27,3 mld., de pensioenuitkeringen overige regelingen is niet bekend). [5]  Als de pensioenpremies inclusief derde pijler ongeveer gelijk zijn aan de uitkeringen vangen we 22% (52%-30%) of € 9,5 mld. meer belasting. De VRH valt dan nog t.z.t. in te boeken, met een aanzienlijk hogere vrijstelling. Met dit alles is een forse belastingverlaging in box 1 mogelijk.

Tot het pensioenvermogen verbijzonderd is kan deze interimregeling gehandhaafd blijven. Na de toerekening kan het toekomstige pensioen belastingvrij gespaard worden. Er worden dan twee rekeningen bij het pensioenfonds aangehouden: één voor de oude regeling en één waarbij de pensioenpremie netto wordt afgestort. Bij een eventuele belastinghervorming kunnen de twee regelingen op termijn worden samengevoegd.

§5 De voordelen van opdoeken omkeeregel pensioen

♦ We hebben geen overheidsschuld meer en betalen dus ook geen rente meer op deze schuld.

♦ Het Stability and Growth Pact (SGP) kan direct de papiervernipperaar in.

♦ De overheid kan van die meeropbrengst een forse belastingverlaging in box 1 doorvoeren, waarmee het besteedbaar inkomen flink toeneemt.

♦ Bij elke procent (toekomstige) belastingverlaging laten onze politici – als de spreekwoordelijke kip zonder kop – bij de huidige regeling ook 1% van het pensioenvermogen of ca € 17 mld. aan belasting  in het afvoerputje verdwijnen, waarvan natuurlijk de uppper middle class, de clientèle van het gros van onze politici, bovenmatig  profiteren. {zie [1i]}

♦ Door de afschaffing van de omkeerregel gaat de staat ook meer premies volksverzekeringen en Zvw-premie innen. Thans is sprake van een vermindering van die premieopbrengsten (zie ook “Fiscalisering AOW”) en kan de staat mooi weer spelen met de suppletie in de sociale fondsen.

♦ De omkeerregel pensioenen verlaagt het belastbaar inkomen en daarmee ten onrechte het toetsingsinkomen voor de toeslagen. Die regeling moet dus worden aangepast. Het kan geen kwaad om daarbij ook de ondernemersfaciliteiten en de HRA te betrekken die met de pensioenpremie geheel ten onrechte dat toetsingsinkomen substantieel drukken. Met name huurders en werknemers worden zo onevenredig benadeeld.

§6 Nadelen opdoeken omkeerregel pensioenen

♦ De omkeerregel pensioenen zou nodig zijn om de begrotingsdiscipline te handhaven.(DNB)  Het is denkbaar dat onze politici onze staatsschuld weer gaan reanimeren. [8]  {Dat valt eenvoudig te voorkomen door grondwettelijke bepalingen terzake op te nemen. (vgl. Schuldenbremse Duitsland)}

♦ Het toch al niet verantwoorde rendement op de belastingclaim pensioenvermogen raakt de staat kwijt. { Een rendement dat je niet boekt en zo te zien ook niet kent, zal je niet missen.}

7 Slot

Zo lang we EU-bobo’s hebben die nodig een elementaire basiscursus balanslezen moeten volgen (zou bij Griekenland ook handig zijn geweest) en een regering die te incompetent is om de werkelijk uiterst gezonde toestand van Rijks’ financiën diplomatiek over het voetlicht te brengen, is het zaak onze schuld af te bouwen en de omkeerregel met de grootst mogelijke spoed af te schaffen. Nu we een EMU-tekort onder de 3% hebben, wordt het zgn. structurele begrotingstekort, een arbitraire rekenexercitie, uit de kast gehaald en wordt Nederland indien niet verder wordt bezuinigd een boete opgelegd.[7c]

We hebben na opheffing van de omkeerregel pensioenen ook op officieel EMU-papier geen schuld en overheidstekort meer en dat moeten we vooral zo houden. Een dynamische econoom, die wel van wanten weet, zou natuurlijk wel overheidsinvesteringen kunnen vinden die bij een rente van 0,583% (10 jaars staatslening 7/8/2017) uitstekend renderen.

Als de meeropbrengst als belastingverlaging wordt teruggegeven, zal dit een aanzienlijke bestedingsimpuls geven en helpen de lack of growth in a time of plenty voor Nederland aan te pakken.

We hebben natuurlijk wel te maken met een notoir onbetrouwbare overheid (zie het motto van deze site) dus het blijft de vraag of de staat in de toekomst met zijn handen van de netto pensioenen kan afblijven, getuige de (dreigende) pensioenroof in de jaren tachtig en negentig, zal dat moeilijk vallen. [9]

________________

Laatst bijgewerkt 11 augustus 2017

Disclosure: Ik heb gelukkig materieel geen pensioen en ben dus geen belanghebbende in de pensioendiscussie. Ik hecht wel aan een evenwichtige belasting op het vermogen.

In deze bijdrage wordt veelvuldig gebruik gemaakt van de gegevens uit de bijdragen Overheidsschuld, Kwartaalstanden  en Pensioenen 2016 met noten waarnaar in deze tekst dus niet verder wordt verwezen.

Bronnen:

[1]  Toelichting bij cijfers in tabel 1 {⊕ geeft link naar bijdrage op deze site}:

[a] 

[b] 35% van [a] – zie [3] cijfer CPB.

[c] 

[d] Netto overheidsschuld (actief) := EMU-schuld -/- belastingclaim pensioenvermogen.

[e] Bron miljoenennota 2017 https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/prinsjesdag/miljoenennota-rijksbegroting-en-troonrede/overheidsfinancien-in-beeld

[f] Geschat 6% van gemiddelde belastingclaim ( 1e kwartaal 2016 + 1e kwartaal 2017)/2

[g] 

[h] – zie i – per saldo

[i] – De totale pensioenpremie inclusief derde pensioenpijler bedraagt zo om en nabij de € 45 mld. na de aanpassing van het Witteveenkader.

{“Het bedrag aan pensioenpremies in de tweede en derde pijler loopt volgens het CPB op van 43,4 miljard euro in 2013 naar 48,3 miljard euro in 2017. De budgettaire derving die optreedt als gevolg van deze premies loopt op van 20,0 miljard euro in 2013 naar 21,8 miljard euro in 2017. Uiteraard betreft het hier een partieel budgettair effect: tegenover de kosten van aftrek van pensioenpremies in 2013-2017 staan de belastingopbrengsten over de pensioenuitkeringen. Circa 41 procent van de pensioenpremies wordt afgetrokken tegen een tarief van 52 procent. “

De overheid liegt ons graag jaarlijks voor over belastingbeperkende maatregelen pensioenen door ook de belasting op de uitkeringen in de opstelling mee te nemen als compensatie voor de belastingderving en daarnaast een belachelijk VRH op te voeren. Maar dat geld was al eerder weggegeven – zie de bijdrage Inkomensbeperkende regelen.

Antwoorden op Kamervragen Miljoenennota 2013, https://www.rijksoverheid.nl/binaries/rijksoverheid/documenten/kamerstukken/2012/09/28/beantwoording-schriftelijke-vragen-miljoenennota-2013/antwoorden-kamervragen-mn13.pdf}

Een andere benadering is:

De pensioenpremie bedrijven zal in 2016 volgens de CPB middellange termijnverkenning ca € 32,5 mld. bedragen. Dat cijfer is bij navraag bij het CPB inclusief rechtsreekse pensioenpremie aan verzekeringsmaatschappijen. De overheid betaalde via het ABP en PFZW gezamenlijk € 13,0 mld. pensioenpremie in 2016, zodat de pensioenpremies bedrijven en overheid samen al op € 45,4 mld. uitkomen. Voor rest van de derde pijler pensioenpremies blijft dan niets over.

[j] Voor percentage zie [3]

[k] Voor percentage zie [3]

[l] http://www.rijksbegroting.nl/2017/voorbereiding/miljoenennota,kst226058_3.html

[m] 35% belasting dus 65% van [a]

[n] Het bedrag laat zich door de (verhoogde) vrijstelling niet bepalen. De Wiebes verhoging van de VRH- percentages was zogenaamd budget neutraal: we kunnen dus met 1,2% rekenen.

[2a]  https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2012/10/16/interimrapport-commissie-inkomstenbelasting-en-toeslagen, blz 6 – te mooi om niet te citeren:

“Inzake de pensioenen, die voor ca. veertien miljard euro gefacilieerd worden, is de commissie van oordeel dat de zogenoemde omkeerregel een groot goed vormt in ons pensioenstelsel. Die omkeerregel leidt er toe dat over afdrachten voor een later pensioen nu geen belasting hoeft te worden betaald maar dat dat pas gebeurt over de uitgekeerde pensioenen. In zijn algemeenheid adviseert de commissie die regel dan ook te handhaven. Daarmee worden belastingopbrengsten ook in de toekomst veilig gesteld.”

Voor een juistere voorstelling van zaken, die een duidelijk onderscheid maakt tussen uitstel en derving  zie [3]

De belastingopbrengsten die uitgesteld worden zijn in de toekomst alleen zeker als niet op dat pensioenvermogen wordt ingeteerd en de progressieve tarieven gehandhaafd blijven, wat met een push voor een vlaktaks geenszins zeker is. Uit het oogpunt van matching is er een duidelijke mismatch tussen de prestatie en inkomen dat thans wordt geleverd en gerealiseerd en de belasting die veel later hopelijk wordt geïnt. Die uitgestelde en gederfde belasting  moet in het hiernumaals wel extra worden opgehoest. Er is dus sprake van een redenering pour les besoins de la cause.

[2b] zie ook:

https://www.dnb.nl/binaries/os13_tcm46-319011.pdf

[3] Bas Jacobs, “Pensioenen worden gesubsidieerd met 17 cent per gespaarde euro”, https://basjacobs.wordpress.com/2014/05/31/pensioenen-worden-gesubsidieerd-met-17-cent-per-gespaarde-euro/

[4] CBS Statline,  http://statline.cbs.nl/Statweb/publication/?DM=SLNL&PA=82567ned&D1=0&D2=0&D3=a&D4=0-3,8,13,18,23,28,33,38,43,48,53,58,63,68,73,78,83,88-89,l&HDR=G3,G1&STB=T,G2&VW=T

[5] DNB T8.4, https://www.dnb.nl/statistiek/statistieken-dnb/financiele-instellingen/pensioenfondsen/toezichtgegevens-pensioenfondsen/index.jsp

[6] http://www.rijksoverheid.nl/documenten-en-publicaties/kamerstukken/2015/06/19/kamerbrief-beleidsdoorlichting-risicomanagement-staatsschuld.html

[7a]  (Studiegroep begrotingsruimte #15, blz. 15. https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2016/07/01/studiegroep-begrotingsruimte-meer-rust-en-stabiliteit-in-de-begroting

[7b]  CEP 2017, blz. 44., https://www.cpb.nl/publicatie/centraal-economisch-plan-2017

[7c] http://www.mejudice.nl/artikelen/detail/bezuinigingen-voor-volgend-kabinet-zijn-onontkoombaar

“Het beeld dat een volgend kabinet op zijn lauweren kan rusten delen wij niet.”

Ik zou de heren Gradus en Beetsma aanraden eerst eens een cursus elementair boekhouden te gaan volgen. Mocht die cursus al zijn gevolgd dan kan een opdrisser in het kader van hun permanente educatie beslist geen kwaad, getuige hun artikel.

anders:

[7d] Björn Giesbergen, Maartje Wijffelaars, “Gebrekkige begrotingsregels dwingen Nederland tot bezuinigingen”, Me Judice, 10 mei 2016, http://www.mejudice.nl/artikelen/detail/gebrekkige-begrotingsregels-dwingen-nederland-tot-bezuinigingen

Met iets meer kwaliteit in huis hadden we die begrotingsregels overigens al lang omgebogen. Maar zie u Rutte dit uitleggen?

[8] http://www.cpb.nl/publicatie/fiscale-behandeling-van-pensioenbesparingen-discussie

“Wel is het de vraag of het afzien van heffen op pensioenuitkeringen geloofwaardig is. Dit geldt met name wanneer de pensioenfondsen onverwacht hoge rendementen boeken of wanneer de overheid er bij het schrappen van de omkeerregel onvoldoende in slaagt om haar besparingen voldoende te verhogen om zich in te dekken tegen het wegvallen van de belastingopbrengsten op uitkeringen.”

De VVD heeft wat dat betreft een record op te houden – als geheugensteuntje:

http://sargasso.nl/staatsschuld-begrotingstekort-en-de-linkse-kabinetten/

[9] Ortec, “Het verdwenen pensioengeld”

https://zembla.vara.nl/pdf/Ortec%20finance.pdf

 

 

Advertenties

From → 0. Permanent

One Comment
  1. Dhr JC Kortekaas permalink

    Nederland een vreemde eend in de eurozone. Onze voortreffelijke pensioenpakhuizen zijn als onderdeel van de eurozone niet te handhaven. Nederland is het rijkste land van de unie, hetgeen verbloemd wordt door de pensioengeldpakhuizen waaraan nu jaarlijks 40 miljard aftrekbaar wordt geofferd. Bovendien is het geldpakhuizensysteem vrijgesteld van Box3-heffing. De Nederlandse pansioenpakhuizen zijn groter dan die van alle eurolanden tezamen. Nederland moet zich conformeren aan de eurozone of die verlaten.

    2012

    Nederland, Europa en de pensioenen. Schaf de omkeerregeling af.

    Nederland neemt een unieke positie in binnen Europa. Onze pensioenpremies zijn fiscaal aftrekbaar,
    de uitkeringen zijn belast. Vorig jaar zijn de pensioenvermogens gestegen van 800 miljard naar 875
    miljard. Daar binnen in zit een latente belastingclaim van 250 miljard, die weggestreept zou kunnen
    worden tegen de staatsschuld. De meeste landen hebben dan ook geen ABP, maar een publieke
    regeling. Ik vraag aandacht voor een artikel in het FD, 24 maart 2012
    “Met onze reusachtige pensioenvermogens zijn we de oude
    vrek van Europa geworden; Uit angst om domme dingen te
    doen met ons geld accepteren we slechte regelingen”

    http://www.mejudice.nl/artikel/791/nederland-puissant-rijk-maar-gierig-alseen-oude-vrek

    De omkeerregeling dient te worden afgeschaft. Pensioenpremies
    belast,uitkeringen onbelast. De belastingen zijn dan reeds geheven als de
    pensioenen buiten Nederland worden uitbetaald. Dat bevordert het vrije
    verkeer van personen. Emigratieheffingen zijn ook fiscaal ondingen. In
    deze crisistijd dient een streep te worden gehaald door het Witteveenkader,
    waarmee we ons meteen aanpassen aan Europa.

    http://nl.wikipedia.org/wiki/Witteveen-kader

    Conclusie tegen de Europese inmenging:
    We moeten ons conformeren aan Europa; premies niet
    aftrekbaar, uitkeringen onbelast. De opgebouwde pensioenen
    kunnen eenmalig belastingvrij worden gemaakt door een
    belastingafdracht van rond de 250 miljard.

    Dhr. JC Kortekaas,apotheker,

    [PDF]JC Kortekaas – Tweede Kamer
    https://www.tweedekamer.nl/sites/default/…/J.C.%20Kortekaas_tcm181-228038.pdf
    De opgebouwde pensioenen kunnen eenmalig belastingvrij worden gemaakt door een belastingafdracht van rond de 250 miljard. Dhr. JC Kortekaas,apotheker,.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: