Skip to content

De militaire uitgaven van de NAVO

17 januari 2017

________________________________________________________________________

{ Inmiddels is in een afzonderlijke bijdrage cijfermateriaal met betrekking tot de zogenaamde 2% NATO-norm opgenomen, die laat zien dat die in 2014 aangenomen norm op defensieve basis nergens op slaat.}

Regelmatig duiken in de media berichten op dat Nederland zijn defensiebestedingen aanzienlijk moet verhogen ten gevolge van de toenemende Russische dreiging. Nu ben ik ook niet echt blij met de onwettige acties van de heer Poetin in de afgelopen jaren. Als ik echter weer eens naar de cijfers kijk dan kan de conclusie niet anders luiden dat de NATO te maken heeft met een aantal nietsnutten van generaals, politici en strategisch militaire denktanks als we voor het huidige geld geen behoorlijke defensie kunnen organiseren om Rusland in toom te houden. Daar zou dan de politieke aandacht naar moeten uitgaan i.p.v. als een kip zonder kop de defensie-uitgaven weer te verhogen.

Om het even samen te vatten:

17_005_000

Uiteraard moeten we deze cijfers met een korreltje zout nemen omdat ze deels gebaseerd zijn op schattingen en omdat de valutakoers USD/RUB een niet onbelangrijke rol speelt die niet noodzakelijkerwijs de locale kosten juist weergeven en daarnaast de valuta onderling in de tijd nogal fluctueren.

Maar als we toch in Europa eens echt gingen nadenken over onze Europese defensie dan kunnen we ook van onze leverage gebruik maken, waarbij we Trump in zijn vet laten gaarkoken, dus nu in € mld:

_00005_2015

Die heilige NATO-graal van 2% bbp is geen wet van Meden en Perzen. Als de EU-landen er een 0,5% bij moeten doen van de Amerikaantjes komt dat neer op € 76,6 mld. (1,25 x Rusland’s defensieuitgaven). De EU-landen kunnen alternatief ook € 154 mld. aan defensie uitgeven i.p.v. thans € 218 mld., 3,3 keer Rusland. Omdat Rusland ook nog een Chinees achterland heeft dat € 197,8 mld. aan defensie uitgeeft, kan Europa defensief wel volstaan met 2,5 keer de militaire uitgaven van Rusland. Eigenlijk wilde ik uitgaan van twee keer de Russische defensie-uitgaven maar omdat enige moeizame Europese coördinatie vereist is reken ik met 2,5 keer. De USA kan ook wel wat korting geven op het materiaal dat we in de USA inkopen en anders kopen we het gewoon van de Russen, die volgens sommige economische deskundigen (7) die goederen veel goedkoper kan leveren. Europa spaart zo € 64 miljard op zijn defensie-uitgaven  en Nederland kan ook 0,2% bbp ( € 1,2 mld.) op zijn defensie-uitgaven besparen. Nederlandse politieke partijen die de huidige defensie-uitgaven nog willen verhogen hebben dus nog wat uit te leggen.

Als een van de argumenten waarom je uitgaven niet onderling kunt vergelijken wordt door defensiedeskundigen altijd aangevoerd dat de Russen veel meer militairen onder de wapenen hebben omdat arbeid daar zo goedkoop is (Rob de Wijk). Maar wat heb je aan alcoholverslaafde heroïne snuivende en met bosjes deserterende Oblomovs?

In § 1.3 vergelijken we de militaire uitgaven ook nog even met de uitgaven voor ontwikkelingshulp volgens de OESO. Deze uitgaven kunnen niet geheel los van de militaire uitgaven bezien worden.

En wie eens wat anders wil lezen dan die elkaar nawauwelende Nederlandse defensiedeskundigen heeft hier misschien iets aan. (Tony Wood, eat your spinach, LRB) [13]

________________________________________________________________________

§1 Het cijfermateriaal

Als we het internationaal cijfermateriaal gebruiken is een probleem dat de meeste statistieken in USD worden uitgedrukt. De militaire uitgaven luiden echter in de originele valuta $, £, € en niet vergeten de uiterst onstabiele ₽. Vergelijking tussen jaren onderling wordt dus bemoeilijkt door allerlei koersfluctuaties, terwijl de inflatiecijfers en koopkrachtpariteiten voor elke valuta hun eigen dynamiek kennen. Dat Rusland de meest efficiënte overheidshuishouding heeft, kun je natuurlijk ook vergeten. Sinds november 2014 heeft de Roebel een zwevende wisselkoers.[11]

Twee dagen na het verschijnen van deze bijdrage, heeft Maarten Schinkel in de NRC op 19/1/17 ook een artikel aan dit onderwerp gewijd. [7] Hierin werkt hij met koopkrachteffecten i.p.v. vreemde valuta dollarkoersen. Over het forse verschil in efficiciency tussen de USA en Rusland rept hij met geen woord. Of die algemene koopkrachteffecten ook één op één op de militaire uitgaven van toepassing zijn is ook nog maar zeer de vraag. [8] Het verschil in benadering tussen $, $PPP en RUB (bln.), gecorrigeerd voor inflatie, laat zich grafisch als volgt weergeven:

_00005_2000

(1) Voor Rusland werken Het SIPRI, de World Bank en NATO alle met de blauwe lijn. NRC’s Maarten Schinkel werkt met de rode lijn, waar natuurlijk veel meer dreiging vanuit gaat en die in sommige Amerikaanse kringen dan ook de voorkeur heeft.

(2) Volgens de blauwe lijn daalden de defensie-uitgaven in 2013-2015 met $ 21,9 mld. (-25%), volgens de rode lijn stegen de defensie-uitgaven met $ 41,9 mld. of 31 %. De daling in $ in 2015 is in elk geval niet reëel. De RUB-inflatie in die zelfde periode bedroeg 12%. (World Bank) In Roebels gingen de defensie-uitgaven in 2013-2015 met 44% omhoog. (SIPRI).

(3) Als door de olieprijzen en de boycotmaatregelen de koopkracht maar blijft dalen, stijgen de defensie-uitgaven van Rusland automatisch disproportioneel in $PPP volgens de PPP-methode die Schinkel hanteert. ook blijkt bij doorrekening dat het cijfermateriaal niet consistent is. {Zie verder noot [7]}

(4) Het volgende staatje laat de ontwikkeling 1999 vs 2015 zien:

17_005_1001

(1) De stijging in $PPP is in elk geval aan de hoge kant, die in $ overigens ook.

1.1. NATO cijfermateriaal

De NATO-cijfers kunnen voor 2014-2016 als volgt worden samengevat [1]:

Tabel 1 NATO defensieuitgaven geselecteerde landen 2014-2016 [1;2]

(click op tabel om te vergroten)

(1) Gezien het feit dat de NATO zo’n 11 tot 13 keer zoveel geld ter beschikking heeft om er wat van te maken dan de Russen, moet dat zelfs onze NATO-sterrengeneraals niet al te moeilijk vallen. U begrijpt waarom Rusland een heel grote dreiging voor de NATO vormt? Nu zijn de NATO cijfers geflatteerd om dat de USA ook NATO-partner Canada en Mexico nog van het lijf moet houden. Daarnaast moet nog (tijdelijk ?) de toevoer van goedkope import uit China zeker gesteld worden. Inmiddels is het belang van de Arabische olie flink afgenomen.

(3) De totale US defensie-uitgaven zijn in bovenstaande cijfers begrepen. In werkelijkheid wordt natuurlijk een substantieel deel van die uitgaven gemaakt voor de verdediging van de US-belangen buitengaats w.o. de  2,1 biljoen nog te belasten winsten van de US-multinationals. Het is denkbaar dat het slechts 22% van de US militaire uitgaven aan Europa wordt besteed. [3] De USA neemt dan nog steeds 37% van de Europese defensie-uitgaven voor hun rekening. Op die basis zijn de NATO-defensiebestedingen nog altijd 6,7 maal de Russische defensie-uitgaven. Een beetje generaal heeft minder geld nodig voor een verdediging dan voor een aanval.

(2) In de tabel zijn ook de SIPRI-cijfers opgenomen met voor 2015 het verschil tussen deze cijfers en de NATO-cijfers.

(3) Waarom we nog meer van dit wapentuig moeten hebben, moeten de politici tijdens de verkiezingscampagne nog maar een keer uitleggen.

1.1. SIPRI-cijfermateriaal

Grafiek 1 De top 15 defensie spenders exclusief Brazilië en Australië volgens SIPRI voor 2015 [2]:

17_005_101

(1) Zoals we in tabel 1 zagen wijken de NATO-cijfers in geringe mate af van de SIPRI-cijfers en we zouden er toch vanuit mogen gaan dat de NATO-cijfers kloppen. SIPRI is een Zweedse organisatie die o.a. bewapeningsstatistieken bijhoudt.[2] De SIPRI-cijfers komen materieel overeen met de cijfers van de Wereld Bank.

1.3 World Bank

Om de cijferreeks te completeren, hoewel redundant,  nemen we ook nog even de vergelijking met de World Bank cijfers mee [4]:

17_005_1002

(1) Vergelijkendewijs hebben we ook maar even de uitgaven voor ontwikkelingshulp volgens de OESO opgenomen. [12] Voor de geselecteerde landen zonder Turkije zijn de ontwikkelingshulp uitgaven $ 56,7 mld., dat is 25% van de militaire uitgaven. Voor de USA  is dit $ 31 mld. of 5%, met America first!, zal die cijfer wel niet stijgen.

(2) Nederland geeft $ 5,7 mld. of 55% van zijn militaire uitgaven aan ontwikkelingahulp uit. Ik ben zo vrij om die cijfers  voor militaire uitgaven en ontwikkelingshulp in de vergelijking met andere landen in het vervolg maar bij elkaar te tellen.

1.4 Korte termijn verwachtingen

De NATO verwacht de komende jaren geen substantiële stijging van de Russische defensie-uitgaven:

“Scenarios to 2020

 Stripping out the additional expenditure of late 2016 mentioned above, given its one-off nature, budget data suggest a stabilisation in the relative importance of defence spending (see Graph 2). After several consecutive years of strong growth, and given current and foreseeable pressures, a reasonable expectation could be that official Russian defence spending would remain at around 12% of total revenue in nominal terms over coming years.” [6]
Het is daarnaast aannemelijk dat de Syrië-operatie klauwen vol geld heeft gekost.
De stijging van de voorgaande jaren is volgens hetzelfde artikel als volgt:
17_005_103

Je moet natuurlijk bij de NATO werken om de defensie-uitgaven te relateren aan de overheidsinkomsten, die uiteraard nogal te lijden hebben gehad van de olie-opbrengsten. De NATO had natuurlijk ook deze grafiek (rode lijn) kunnen gebruiken (SIPRI data):

 Grafiek 1.4.1 Defensie-uitgaven in Roebels 2000-2016

 17_005_105
(1) Gecorrigeerd voor inflatie is de toename van de defensie-uitgaven in Roebels in 2015 2,2 x de uitgaven in 1999 i.p.v. 25,5x. (PPP$  2,5 x) Als je defensie-uitgaven relateert aan het bbp i.p.v. overheidsinkomsten krijg je het volgende beeld (data Wereld Bank), ook dan geldt overigens dat het bbp zijn eigen autonome ontwikkeling kent:

Grafiek 1.4.2 Ruslands militaire uitgaven in % bbp 1992-2015

17_005_104

(1) De fluctuaties zullen ongetwijfeld mede een gevolg zijn van meetfouten, want zo nauwkeurig zijn die Russische cijfers natuurlijk ook weer niet.

Tot slot laten we nog twee grafieken zien die laten zien dat de cijfers voor een buitenstaander uitermate moeilijk vallen te interpreteren.

Allereerst complementeren we grafiek 1.4.1 door de USD cijfers toe te voegen en met een index te werken, ook hebben we de RUB/$ koers toegevoegd:

 Grafiek 1.4.3 Index militaire uitgaven Rusland
   17_005_110

(1) De Russische defensieuitgaven zullen grotendeels in RUB gemaakt worden. De RUB-cijfers moet je weer wel voor inflatie corrigeren maar die inflatie vind je natuurlijk ook (deels) in de koers voor de USD terug. De inflatiecijfers zijn algemene cijfers, die voor de manschapkosten wel zullen opgaan maar niet noodzakelijkerwijs voor militair materieel.

We kunnen ook de militaire uitgaven van de USA in een factor van de Russische defensie-uitgaven uitdrukken. Dan onstaat het volgende beeld:

Grafiek 1.4.3 Factor militaire uitgaven

17_005_115

 (1) We weten allemaal dat Rusland een uiterst dynamisch land is, maar dat de factor in 1997-1998 met bijna 28 stijgt is toch op zijn minst opmerkelijk. Aan de US-uitgaven kan het niet liggen want die zijn in de periode 1996-2015 slechts in totaal met een factor 2,2 toegenomen (Rusland in USD 4,2x, in RUB 50x). Bij het cijfermateriaal kun je dus de nodige vraagtekens plaatsen en het effect van de RUB-koersontwikkeling is uiteraard fors.
 2. Efficiency en core competency

Als typisch voorbeeld van efficiency tonen we eerst even de 2017 defensiebegroting van mevrouw Hennis-Plasschaert, waaruit blijkt dat Nederland veel weg heeft van een Zuid-Amerikaanse banenrepubliek met veel viersterren generaals:

Nu zegt geld natuurlijk niet alles. Het gaat er ook om hoe effciënt met dat geld wordt omgegaan. Voor Amerika geldt dat het defensie-apparaat wel niet veel efficiënter zal zijn dan de Amerikaanse autoindustrie. De efficiency-afslag voor het Russische defensie-apparaat zal nog eenzienlijk hoger liggen. (vraag aan onze Oosterburen eens na over de Supergau Deutsche Einheit en dan was de DDR nog de parel van Oost-Europa)

De efficiency van defensie kan drastisch worden verbeterd. Eerder wezen we al op de militaire lemon die Lockheed Martin F-35 Lightning II heet en waarmee we voor de komende decennia, met dank aan de PvdA, opgescheept zitten. Tenzij dit contract door een nitwit is opgesteld, moet je hier op grond van wanprestatie zo onderuit kunnen komen. Door versnelde internationale samenwerking kan de efficiency drastisch worden opgeschroefd. [5]  Om geld zeuren, zonder een defensiestrategie, is iets waar Nederlandse politici in excelleren. Voor het CDA , in het bijzonder de heer Omtzigt, zeg ik er maar even bij dat ik dat de heer Hillen (CDA) mede aanreken (F-35). En natuurlijk hebben onze Oosterburen genoeg ervaring met de Russen opgedaan om ons buitengewoon gemotiveerd te verdedigen.

Nederland is weliswaar een handelsnatie maar heeft ook een uitstekend militair industrieel complex met enkele speerpuntindustrieën. In de eerste plaats hebben we de technische kennis om goede drones te bouwen met de universiteiten in Delft, Eindhoven en Twente. De ruimtevaartindustrie is geavanceerd met grote kennis van zonnepanelen en betrouwbare hoogst gespecialiseerde onderdelen voor satelieten. Daarnaast kunnen we met grote perfectie gedestilleerde dranken stoken met een hoog alcoholpercentage op basis van eeuwenlange ervaring. Ook onze wiedplantages en verdovende middelen productie zijn wereldwijd onovertroffen. Met onze gespreide windmolens en zonnepanelen kunnen we die productie langdurig op gang houden. De combinatie van deze kennis (drones en geestverruimende middelen) moet ons in staat stellen grote delen van de Russische manschappen langdurig op afstand uit te schakelen zonder een druppel bloed te vergieten. Ik zou zeggen mevrouw Hennis-Plasschaert, doe er wat aan!

 

_______________

Laatste bijgewerkt 6 maart 2017

[1] http://www.nato.int/nato_static_fl2014/assets/pdf/pdf_2016_07/20160704_160704-pr2016-116.pdf

[2] https://www.sipri.org/about

en database:

https://www.sipri.org/databases/milex

[3] http://www.politifact.com/truth-o-meter/statements/2016/apr/19/bernie-s/sanders-oversimplifies-us-share-NATO/

[4] http://data.worldbank.org/indicator/MS.MIL.XPND.GD.ZS?end=2015&locations=RU&start=1988&view=chart

[5] http://www.nato.int/docu/review/2015/also-in-2015/europe-defense-budget-military-soldiers/EN/index.htm

[6] http://www.nato.int/DOCU/review/2016/Also-in-2016/Does-Russia-have-the-financial-means-for-its-military-ambitions/EN/index.htm

[7] https://www.nrc.nl/nieuws/2017/01/19/poetins-oorlog-nu-25-maal-voordeliger-6275006-a1541885

Maarten Schinkel stelt in afwijking van de NATO, World Bank en SIPRI dat je met koopkrachtcorrecties moet werken en komt zo op $PPP 164 mld. Russische defensie-uitgaven i.p.v. vreemde valuta $ 66 mld. Hij vertelt er niet bij welk jaar dat betreft, maar dat zal wel 2015 zijn. De $PPP-defensieuitgaven zijn dan overigens $PPP 179,3 mld.

Van de kop “Poetins oorlog: nu 2,5 maal voordeliger”, slaat nu natuurlijk helemaal nergens op: de koopkrachtpariteit, zo die al zinnig is [8], is niet ineens nu veranderd. Toch valt over de ontwikkeling in de tijd van de  koopkrachtpariteit wel het een en ander op te merken en af te dingen [9]:

17_005_120

(1) Het wordt nu in één keer duidelijk waarom Rusland in WO II voor Warschau halt moest houden, de koopkrachtpariteit was toen zeker nog veel te laag.

(2) Maarten Schinkel had er ook wel eens op mogen wijzen dat als dit zo door gaat we Rusland beter vandaag dan morgen kunnen binnenvallen. Daar valt niet tegenop te bewapenen!

(3) Eigenlijk hoeft Rusland helemaal niet meer geld aan bewapening uit te geven: ze moet er alleen voor zorgen dat de koopkracht flink blijft dalen.

(4) Het verschil tussen de ontwikkeling van de PPP en de vreemde valutakoers USD/RUB is als volgt, hierbij voegen we defensie-uitgaven in Roebels toe:

17_005_130

(10 Met die ppp-rate kun je dus ook niet zoveel, normaal zou deze stabieler zijn dan de vv-rate.

Maarten Schinkel: “De Britten verlaten het continent”. De UK lag in WO I & WO II ook niet op het continent, die scheiding was al sinds het Tertiair het geval, en daar verandert Brexit dan ook helemaal niets aan.

Gelukkig levert de Worldbank ook de inflatiecijfers voor RUB en $ op. Door nu voor het jaar 1999 en 2015 de relatie RUB/$PPP te nemen kunnen de inflatie van 1999-2015 doorrekenen en op die basis voor elk jaar de defensie-uitgaven in USD koopkracht berekenen vanaf 1995 tot 2015. Omgekeerd kunnen de inflatie ook terugrekenen vanaf 2015 naar 1999. Bij consistent cijfermateriaal moet dat dan van jaar tot jaar tot dezelfde uitkomst leiden als de $PPP-cijfers.  Dat blijkt niet zo te zijn en we kunnen de verschillen in % $PPP defensie-uitgaven van dat jaar als volgt grafisch weergeven:

_00005_2010

(1) De $PPP-cijfers kennen dus een flinke bandbreedte als je van consistent cijfermateriaal uitgaat. Gezien de fluctuaties is dat niet het geval.

[8] SIPRI motivering gebruik de $-koers i.p.v. de $PPP-cijfers (ook de Wereld Bank gebruikt die systematiek):

“12. What exchange rates do you use to convert military expenditure to US dollars? Do you provide figures based on Purchasing Power Parity (PPP) exchange rates?

SIPRI uses market exchange rates, or where applicable fixed official exchange rates, to convert local currency military expenditure data into US dollars (whether current or constant prices). Market exchange rates are determined by the supply and demand of currencies used in international transactions. However, the prices of many goods and services on domestic markets are determined in partial or complete isolation from the rest of the world. Therefore, the MERs do not always accurately reflect differences in price levels between countries. Fixed, official exchange rates may be even less reflective of the actual purchasing power of a currency within the country that uses it.

An alternative is to use purchasing power parity (PPP) conversion factors (or PPP exchange rates). The PPP dollar rate of a country’s currency is defined by the World Bank as ‘the number of units of a country’s currency required to buy the same amount of goods and services in the domestic market as a U.S. dollar would buy in the United States’.  The only PPP rates available for all countries are GDP- based basket of goods and services that are major components of the gross domestic product. Such GDP-based PPP rates are designed to control for differences in price levels and thus to provide a measure of the real purchasing power of the GDP of each country.

Using GDP-based PPP rates instead of MERs for currency conversion results in much higher output and expenditure figures for many developing and transition countries since they have relatively low prices for non-traded goods and services—thus giving the currency higher purchasing power. A unit of local currency therefore has greater purchasing power within a developing country (which is better reflected by using PPP rates) than it has internationally (which is what is reflected by using MERs). For those such developing and transition countries for whom data was available for 2014, the median increase in military expenditure figures from using PPP rates instead of MERs was by a factor of 2.13. Three-quarters of these countries would see their relative figures increase by at least 79 per cent. However, for most of the ‘developed’ countries in Western Europe, Canada, Australia, New Zealand and Japan, the use of PPP rates on GDP and military expenditure figures leads to a fall in these totals relative to the USA, by a median amount of 9 per cent. For countries in Central Europe and East Asia that have more recently entered the ranks of rich nations, the picture is somewhere in between. However, the reliability of such PPP rates is lower than for MERs, since PPP rates are statistical estimates, calculated on the basis of collected price data for a basket of goods and services for benchmark years. Between benchmark years, the PPP rates are extrapolated forward using ratios of prices indexes, either GDP deflators or consumer price indexes. Like all statistical estimates they are subject to a margin of error.

Furthermore, GDP-based PPP rates are of limited relevance for the conversion of military expenditure data into US dollars. Such PPP rates are designed to reflect the purchasing power for goods and services that are representative of spending patterns in each country, that is, primarily for civilian goods and services. Military expenditure is used to purchase a number of goods and services that are not typical of national consumption patterns. For example, the price of conscripts can be assumed to be lower than the price of a typical basket of goods and services, while the prices of advanced weapon systems and of their maintenance and repair services can be assumed to be much higher. The extent to which this data reflects the amount of military goods and services that the military budget can buy is not known. Due to these uncertainties, SIPRI uses market exchange rates to convert military expenditure data into US dollars, despite their limitations.” { vet toegevoegd}

[9] http://data.worldbank.org/indicator/PA.NUS.PPP

[10] http://www.cbr.ru/eng/currency_base/daily.aspx?date_req=31.12.2014

[11] http://www.imf.org/external/pubs/ft/scr/2016/cr16229.pdf

[12] http://www.oecd.org/dac/financing-sustainable-development/development-finance-data/statisticsonresourceflowstodevelopingcountries.htm

[13] LRB, https://www.lrb.co.uk/v39/n05/tony-wood/eat-your-spinach

Advertenties

From → 1. Actueel

Geef een reactie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: