Skip to content

Overheidsschuld

12 december 2016

______________________________________________________________________

Volgens ons CPB en de Raad van State zal de staatsschuld eind 2021 45% bbp bedragen (€ 382 mld.) en ons overheidssaldo 1,6% bbp (€ 13,6 mld.). In werkelijkheid zal dan sprake zijn van een overheidsactief van ca € 337 mld.(-39,8 % bbp) en een overheidssaldo van zo’n € 48 mld. (5,6% bbp) Eind 2060 zal het overheidsactief zijn opgelopen tot € 2.900 mld. (88% bbp_2060). Waarom dat onder constante arrangementen het geval zou moeten zijn heeft niemand mij tot op heden kunnen uitleggen.

Door de omkeerregel pensioenen heeft de staat een vordering op het pensioenvermogen van zo’n 35%. Door de forse stijging van het pensioenvermogen in de periode 1987 – 2016 is dat pensioenvermogen toegenomen met €1.489 mld. en de belastingclaim op dat pensioenvermogen met € 521 mld. Het rendement op die belastingclaim valt niet te versmaden, maar wordt uiteraard niet in de boeken van de staat verantwoord. “Onze” Politici en media naast het CBS en CPB maakten u liever bang over de hoogte van onze oplopende staatsschuld en de rentelast om bezuinigingen af te dwingen en u nog verder de put in te praten. Zie [2] voor enkele saillante voorbeelden.

Sinds het Stabiliteits- en Groeipact (SGP) heeft men het overigens graag over de EMU-overheids-“schuld” en het EMU-overheids-“tekort” en we zullen bij dit spraakgebruik aansluiten. Nederland is jaren ten onrechte lastig gevallen met dit Pact omdat noch onze politici noch de EU-bobo’s ordentelijk konden boekhouden en balanslezen. Hierdoor kreeg Nederland, zoals we nog zullen zien, geheel ten onrechte, de failed to comply status opgeplakt.

In §4 gaan we cijfermatig nader in op de ontwrichtende werking op onze overheidshuishouding en het huidige besteedbaar inkomen van ons mallote belasting- en pensioenstelsel. In appendix A plaatsen we de historische data van onze overheidsschuld 1814-2018 in perspectief.

______________________________________________________________________

§1 Inleiding

De Nederlandse pensioendeelnemers en de staat hebben eind juni 2017 een pensioenvermogen groot €1.649 mld. bij elkaar gespaard Op dat vermogen rust nog een belastingclaim van gemiddeld 35%.[3] Netto bezitten de pensioendeelnemers dan dus ca € 1.072 mld. en de staat € 577 mld. Materieel heeft de staat dus zijn overheidsschuld van € 420 mld. en de per saldo overtollige kasmiddelen van € 157 mld. belegd in het pensioenvermogen. Over het beleggingsbeleid van dat vermogen heeft de staat tittel noch jota te vertellen, een democratisch deficiet van de eerste orde.

Omdat de overheid een latente belastingclaim op het pensioenvermogen heeft die de overheidsschuld verre overstijgt zijn we jaren voor de gek gehouden en moesten we volstrekt onnodig flink de buikriem aanhalen. Die alsmaar stijgende overheidsschuld was een politiek gewenste constructie om met behulp van de omkeerregel pensioenen een uiterst omvangrijke spaarpot op te bouwen die buiten de boeken van de staat kon worden gehouden. Dat opbouwen van die spaarpot kan, ondanks de 2008 bankencrisis, als volgt worden weergegeven:

Grafiek 1 Verloop overheidsschuld en werkelijke overheidsschuld 1987 – 2018 in % bbp

(1) De toename van de overheidsschuld in 2008 van € 85 mld. door de bankencrisis doet de overheidsschuld materieel niet echt toenemen zolang de verworven activa bij afwikkeling de kostprijs + renteverlies opbrengen.  Als overheid kun je je burgers er natuurlijk wel lekker flink bang mee maken.

(2) De ontwikkeling laat zien dat die hele zogenaamd flink toegenomen EMU-overheidsschuld nergens op slaat. Dat geldt trouwens ook voor het overheidstekort en die ondragelijke rentelast op onze overheidsschuld. (§4)

§2 Historisch verloop officiële en werkelijke overheidsschuld 1987 – 2016

Naast het verloop van de officiële overheidsschuld zijn we met name geïnteresseerd in het verloop van de werkelijke overheidsschuld.  Dat verloop kunnen we als volgt weergeven:

Tabel 1 Officiële en netto werkelijke overheidsschuld 2006- 2016

Per eind 2016 kan het cumulatieve verloop van het overheidssurplus sinds 2005 als volgt worden weergegeven:

(1) De cumulatieve toename van de belastingclaim op het pensioenvermogen groot € 327 mld., bestaande uit het 35% aandeel in de som van o.a. pensioenpremie, pensioenuitkeringen, (ongerealiseerd) rendement op het vermogen, technische resultaten en het resultaat zelf.

(2) De toename van de overheidsschuld van € 166 mld., bestaande uit: het saldo uitgaven en inkomsten (EMU-saldo), de mutaties financiële vaste activa (2008: + € 85 mld.)  en de mutaties transitorische schulden en waarderingsverschillen. [1a]

(3) Per saldo nam het netto overheidsactief met € 161 mld. toe.

(4) De marktwaarde van de overheidsschuld per eind 2017K2 is € 55 mld.  hoger. Dat gegeven is alleen relevant als je die schuld t.z.t. uit de markt wilt halen.

§3 Geprognotiseerd verloop officiële en werkelijke overheidsschuld

Tabel 2 Prognose overheidsschuld en overheidssaldo 2017 – 2021

(1) De meest recente gegevens zijn ontleend aan de MEV 2018.  Aan de hand van de 08/2017 MLT actualisatie zijn de ontbrekende gegevens voor 2019-2021 berekend.

(2)  Daarnaast kennen we uit de houdbaarheidsstudie nog de  gegevens voor 2040 en 2060 die als volgt luiden:

Tabel 3 Stand overheidsfinanciën 2040 en 2060

(1) Waarom die arrangementen constant gehouden worden zodat de spaarpot buiten zijn oevers treedt, moeten de politici u maar uitleggen.

§4 Overheidstekort, rendement belastingclaim en interestlast

Het zal duidelijk zijn dat de staat met een rentelast in 2018 van € 6 mld. (MJN 2018) gezien het gemiddeld rendement van 5% (CPB houdbaarheidsstudie) op zijn belastingclaim groot € 592 mld. in 2018 met ca  € 30 mld. rendement weer zal binnenlopen. T.o.v. het pensioenvermogen eind 2005 nam de belastingclaim jaarlijks met 6,4 % toe tot eind 2016.

Tabel 4 Overheidssaldo en rendement belastingclaim

(1) Voor een toelichting op de berekeningen zie noot [3]. Als rentelast is de hogere cijfers van het CBS aangehouden. Het Ministerie van Financiën en/of het CPB rotzooit maar wat aan met deze cijfers. [1e; 1f]

(2) De overheidsschuld en de overtollige kasmiddelen zijn belegd in het pensioenvermogen. Hierop werd door de staat in de periode 2006-2016 cumulatief een rendement gemaakt van ca € 315,8 mld. Zetten we daar de cumulatieve interestlast op de overheidsschuld van € 110,6 mld. tegenover dan maakt de staat een marge van € 205,2 mld. Die rente wordt jaarlijks in de miljoenennota opgenomen, van het rendement groot € 315,8 mld. zult u niets in de boeken van de overheid terugvinden.

(3) Met het EM-overheidstekort zijn we het laatste decennium ad nauseam lastig gevallen door onze politici, overheidsinstituten en de media. Cumulatief bedroeg dat tekort in de periode 2006-2016 € 155,5 mld. Daar staat echter de cumulatieve toename van de belastingclaim op het pensioenvermogen van € 327 mld. tegenover zodat de overheidsschuld alleen daardoor netto met € 171,5 mld. verbeterde. Het rendement in (2) maakt onderdeel uit van de toename van het pensioenvermogen.

(4) Ordentelijk boekhouden kent als één van zijn belangrijke pijlers het zogenaamde matching principlewaarbij baten aan dezelfde periode worden toegerekend als de bijbehorende lasten. Dat matching principle wordt voor het rendement op de belastingclaim en de belastingclaim zelf met voeten getreden dankzij de omkeerregel pensioenen die de overheidsfinanciën althans op papier volledig uit het lood slaat.

(5) Dat onze belastingtarieven voor de loonbelasting zo hoog uitvallen komt o.a. door de wijze waarop we de belastingheffing inzake pensioenen geregeld hebben, waardoor substantiële belastingbedragen worden gederfd (17% pensioenpremie) of uitgesteld (35% van het pensioenvermogen of niet geheven (vermogenrendementsheffing). Alle reden om de omkeerregel pensioenen zo snel mogelijk op te doeken! 

Omdat de begroting toch moet sluiten moet het belastinggeld dat de staat misloopt op andere wijze in het heden worden opgebracht door alle belastingbetalers, dus ook door die burgers die geen of slechts een klein pensioen opbouwen. (zzp’ers worden op andere wijze gecompenseerd). Pensioendeelnemers betalen twee keer belasting: nu door een onnodig hoog belastingtarief en later, met een progressievoordeel, op de pensioenuitkering. De pensioendeelnemer geniet wel vrijstelling vermogensrendementsheffing.

Het forse bedrag dat de overheid misloopt laat zich zonder invulling van een eventuele wijziging in de vermogensrendementsheffing op pensioenen moeilijk kwantificeren, maar is zeer omvangrijk in relatie tot de totale loon- en inkomstenbelasting opbrengst.

(7) Tabel 4 valt als volgt grafisch weer te geven:

Grafiek 2 Overheidstekort en rendement belastingclaim pensioenvermogen

(1) Waarom het CPB ons met This time is different moest lastig vallen zal altijd wel een raadsel blijven.[2]

§6 Het voor Nederland volstrekt onzinnige Stabiliteits- en groeipact (“SGP”)

Met een EMU-overheidsschuld in 2021 van 45% bbp en een EMU-overheidssaldo van 1,6% is dit pact voor Nederland al bijna irrelevant, maar rekening houdend met de belastingclaim was die relevantie al vele jaren zoek. Onze EU-bobo’s konden kennelijk geen balans lezen en de Nederlandse regering kwam dat zo ook beter uit. Uiteraard kon de Dutch State Treasury van het MvF de buitenlandse investeerders in Nederlandse staatsobligaties over dit belastingclaim potje, overigens met te lage cijfers, wel nader informeren. [4]

In 1995 bedroeg de rentelast op de overheidsschuld € 16,7 mld. (5,15 % bbp). Als we dit percentage voor 2018 zouden hanteren zou de rentelast € 39 mld. hebben bedragen i.p.v. € 6 mld. volgens de miljoenennota 2018. Met die rente-ontwikkeling werd in het SGP al helemaal geen rekening gehouden. Ook de 3% overheidstekort norm en de 60% overheidsschuld norm waren volstrekt achterhaald, want sinds wanneer groei ons bbp en dat van onze buurlanden nog met 5% per jaar? Wat wel groeide was ons pensioenvermogen, maar daar hadden onze bobo’s geen oog voor.

In appendix A is een grafiek opgenomen die laat zien dat die SGP 60%-norm in het v.a. 1814 slechts in 15% van de jaren gehaald werd. Die zogenaamde norm werd dus volledig uit de duim gezogen.

§7 Toekomstige ontwikkelingen

De verwachte ontwikkeling tot en met 2021 hebben we al in tabel 2 opgenomen. Het hoeft geen betoog dat de staat sterk afhankelijk is van de ontwikkeling van het pensioenvermogen. De toekomstige ontwikkeling laat zich uiterst moeizaam inschatten, hoewel het CPB natuurlijk in kader van zijn houdbaarheidssommetjes daar wel inzicht in zou moeten hebben. Voor die verbazingwekkende houdbaarheidscijfers verwijzen we naar de bijdrage Houdbaarheid overheidsfinanciën – pensioenen en Pensioenvermogen,  voor de  ontwikkeling van het pensioenvermogen rendement in het 1e halfjaar 2017.

 APPENDIX A HISTORISCHE DATA
1 Historisch overzicht overheidsschuld in % bbp [1c]

(click op grafiek of Ctrl+ om te vergroten)

(1) Slechts in 15% van de jaren wordt de 60%-norm gehaald.

(2) De pensioen- en spaarfondsen wet is van 15 mei 1952. Het fiscale Witteveen kader is van 29 april 1999. Het overdreven sparen van de overheid is dus van vrij recente datum en is niet in deze grafiek opgenomen.

2.Historisch overzicht overheidstekort in % bbp [1c]

(click op grafiek of Ctrl+ om te vergroten)

(1) Het ligt voor hand dat de begroting regelmatig in evenwicht was. Daarmee is deze grootheid aanzienlijk relevanter dan de overheidsschuld.

3. Historisch overzicht rentelast in % bbp en in % gemiddelde overheidsschuld [1c]

(click op grafiek of Ctrl+ om te vergroten)

(1) Ook hier geldt dat we eerder back to normal gaan, zij het dat Draghi wat doorslaat en nog steeds niet kan uitleggen hoe hij van zijn, d.w.z. “onze” QE-activa afkomt.

____________________

Laatst bijgewerkt 28 september 2017

[1] Bronnen data

[1a] CBS Statline, “Overheid,; overheidssaldo en overheidsschuld”

http://statline.cbs.nl/Statweb/publication/?DM=SLNL&PA=82565ned&D1=a&D2=0&D3=0-3,8,13,18,23,28,33,38,43,48,53,58,63,68,73,78,83,88,93-95&HDR=G1,G2&STB=T&P=T&VW=T

[1b] Marktwaarde overheidsschuld: CBS Statline, Marktwaarde overheidsschuld, http://statline.cbs.nl/Statweb/publication/?DM=SLNL&PA=82567ned&D1=0&D2=0&D3=a&D4=0-3,8,13,18,23,28,33,38,43,48,53,58,63,68,73,78,83,88-89,l&HDR=G3,G1&STB=T,G2&VW=T

[1c] https://www.cpb.nl/cijfer/lange-tijdreeksen-overheidsfinancien

Het rente % laat zich uit deze tabellen berekenen: rente % = rente/ 0,5 * (schuld 1/1 + schuld 31/12)

[1d] DNB, “T8-4 Baten- en lastenrekening”,

https://www.dnb.nl/binaries/t8.4ny_tcm46-330819.xls?2017092713

[1e] CBS StatLine – Overheid; inkomsten en uitgaven”,

http://statline.cbs.nl/Statweb/publication/?DM=SLNL&PA=82563NED&D1=78&D2=2&D3=43,48,53,58,63,68,73,78,83,88,93,l&HDR=G1,G2&STB=T&VW=T

[1f] https://www.rijksoverheid.nl/binaries/rijksoverheid/documenten/kamerstukken/2016/09/30/bijlage-1-antwoorden-kamervragen-miljoenennota-2017/bijlage-1-antwoorden-kamervragen-miljoenennota-2017.pdf.

Het verschil in rentelast met [1e] is als volgt:

[2] Onze instituten, en de media in hun kielzog, over de overheidsschuld:

[2a] In de studie Minder zorg om vergrijzing van het CBP heette het:

“Het kan verstandig zijn om de staatsschuld niet te ver te laten oplopen om toekomstige negatieve schokken te kunnen opvangen (Lukkezen en Suyker, 2013a). Hoge schuldniveaus hangen samen met perioden van lage economische groei. Vanaf een niveau van 80% bbp lijkt het erop dat de staatsschuld de economische groei kan afremmen. Het is prudent om een marge aan te houden ten opzichte van dat niveau. In het pad zonder houdbaarheidsoverschot daalt de schuldquote tot 60% bbp in 2037, en daarna verder tot 40% bbp, ruim onder het niveau waarop effecten op de economische groei verwacht worden.”

https://www.cpb.nl/publicatie/minder-zorg-om-vergrijzing

Ongetwijfeld is dit CPB-leuterverhaal, gezien de werkelijke stand van Rijk’s financiën, mede ingegeven door:

Carmen M. Reinhart & Kenneth S. Rogoff , “This Time Is Different:
Eight Centuries of Financial Folly”.

En hoe zat het ook al weer met die studie?:

https://krugman.blogs.nytimes.com/2013/04/16/holy-coding-error-batman/?_r=0

[2b] CPB, Laura van de Geest, “Presentatie: Sound Public Finances. Experience with Fiscal Institutions in the Netherlands”, http://www.cpb.nl/publicatie/presentatie-sound-public-finances-experience-fiscal-institutions-netherlands

zie ook de bijdrage Know the past.

[2c] DNB deed ook een duit in het zakje:

https://www.dnb.nl/nieuws/nieuwsoverzicht-en-archief/dnbulletin-2012/dnb268919.jsp

[2d] “Onze” Koning op voorspraak van Rutte en Dijsselbloem:

“Momenteel betalen alle Nederlanders samen – zelfs bij de huidige lage rentestand – 11 miljard euro per jaar aan rente over de overheidsschuld. Als de schuld groeit en de rente stijgt, gaat die rentelast steeds zwaarder drukken op economische groei, op betaalbaarheid van voorzieningen en op de inkomens van mensen.” {troonrede 2013}

De Koning had natuurlijk, geadviseerd door de Raad van State, even nagelaten om te vragen bij de heren Rutte en Dijsselbloem wat er eigenlijk zou gebeuren met het rendement op het pensioenvermogen onder die omstandigheden. Zelf het CPB had aan die vraag een hele kluif gehad gezien de werelwijde spreiding van de beleggingen van die pensioenfondsen.

[2e] https://www.cbs.nl/nl-nl/achtergrond/2017/13/kwartaalmonitor-overheidsfinancien-iv-2016

[2f] Als uitsmijter deze recente studie van het CPB:

CPB Policybrief 07/2017, Adam Elbourne, Bert Smid, “Weg naar normalisering niet zonder hobbels,”

https://www.cpb.nl/sites/default/files/omnidownload/CPB-Policy-Brief-2017-07-Onderweg-naar-normaal-monetair-beleid.pdf

“Nederland heeft een goede uitgangssituatie voor de afbouw van het onconventionele ECB-beleid. De Nederlandse overheidsfinanciën staan er goed voor, net als het bankwezen. Wanneer de overheidsrente toeneemt, zal dit het EMU-saldo beïnvloeden, zij het dat de hogere rente alleen betaald hoeft te worden op nieuw uit te geven obligaties. Het ongunstige effect op de economie is voor Nederland wellicht groter dan voor een gemiddeld euroland (zie figuur 3.1), maar de huidige economische groei lijkt robuust. Voor pensioenfondsen en verzekeraars zal een hogere rente per saldo voordelig uitpakken (CPB, 2017a). Voor huishoudens en bedrijven met hoge schulden zal de renteverhoging nadelig zijn.”

Zoals je van het CPB mag verwachten wordt tittel noch jota aandacht besteed aan de gevolgen voor de forse belastingclaim op het pensioenvermogen. Waarom het tot slot mogelijk is “dat centrale banken door koersverliezen op obligaties op enig moment minder dividenden gaan uitkeren”, wel opgaat voor centrale banken maar kennelijk niet relevant is voor de pensioenfondsen  (en de staatskas) , wordt door het CPB niet echt duidelijk gemaakt.

Bas Jacobs, “Stop met zaaien van verwarring over houdbaarheidssaldo”, Me Judice, 12 september 2017.

Als ik Bas Jacobs was zou ik ook stoppen met het zaaien van verwarring over de omvang van de belastingclaim op het pensioenvermogen.

“Zo zijn de overheidsfinanciën in Nederland al jarenlang houdbaar, hoofdzakelijk doordat de toekomstige belastingclaim op de pensioenvermogens ongeveer even groot is als de uitstaande staatsschuld.”

Een blik op tabel 2 leert dat Jacobs er een flink aantal miljarden euro’s naast zit.

[3] De berekening is als volgt:

(a) Aandeel 35% rendement pensioenfondsen volgens [1d]

(b) Rendement gemiddeld overig pensioenvermogen tegen 5% volgens houdbaarheidsstudie CPB

(c) Interestlast volgens [1e]

(d) Overheidssaldo volgens [1a]

[4]  Dutch State Treasury Agency 5-year DSL Investor Presentation, http://www.dsta.nl/zoekresultaten?query=Dutch+State+Treasury+Agency+5-year+DSL+Investor+Presentation&zoek-submit=

 

Advertenties

From → 0. Permanent

One Comment
  1. Dhr JC Kortekaas permalink

    Waarom zijn de burgers boos? De regering liegt over 600 miljard verstopt vermogen.

    Nederlandse Staat is alleen al door de belastingclaim op uitgesteld pensioenvermogen ruim 500 miljard rijker. Daarbij komen nog de staatsbezittingen, infrastructuur, gebouwen, land, deelnemingen, grondstoffen. Als het ooit netjes opgeteld mag worden hebben we als land een overschot van circa 500 miljard. Geen schuld. We hebben ons rijk gespaard.

    Geld dat we netjes kunnen besteden aan infrastructuur, ouderenzorg en andere zaken die inmiddels wegbezuinigd zijn.

    De Emu-schuld is de enige schuld die de regering wenst te kennen, en die is rond de 400 miljard en dalende.

    Rutte kan beter voor de verkiezingen de draai maken. “We blijken onder mijn kabinetten 600 miljard rijker geworden dan ik eerst dacht.” Anders komt een oud staatssecretaris van financien en nummer 3 op de lijst van 50-plus met de feiten.

    Stemp VVD!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: