Skip to content

De luchtfietserij van het CPB

16 april 2016

___________________________________________________________

Mevrouw van Geest (CPB) stelt in een interview in de VK dat een politieke partij moeiteloos kan worden beticht van luchtfietserij als zij haar verkiezingsprogramma niet laat doorrekenen door het CPB.[1] Dat weinig kritische interview heeft een groot wij van WC-eend gehalte. Eerder toonden we al eens aan dat deze mevrouw de grootst mogelijke onzin verkoopt over onze overheidsschuld en overheidstekort en daarbij ook nog aan geschiedvervalsing doet. Ook op het trackrecord van het CPB valt het nodige af te dingen zoals hier [2] in diverse bijdragen valt te lezen.

Vooruitlopend op de doorrekeningen, die ongetwijfeld door onze media, die menen de mening van het volk te vertegenwoordigen zal worden afgedwongen, zetten we nog even een aantal zaken op een rijtje. Moeiteloos zullen we daarbij aantonen dat het CPB met het neoliberale virus [3] is besmet en dat Nederland door een aantal elkaar nakauwende overheidsinstituten als DNB, CPB en CBS vaak – zie het motto van deze site – eenzijdig wordt voorgelicht. In Duitsland heb je in elk geval elkaar beconcurreerde instituten zodat de voorlichting daar veelzijdiger is. [4]

Constante arrangementen is overigens zelfs in deze weinig dynamische tijd een fictie. Daarbij hoeft men alleen maar te kijken naar de huidige energierevolutie en robotisering.

___________________________________________________________

Het CPB bracht recent een jaar voor de verkiezingen de Middellange termijnverkenning 2018-2021 [MLTV} uit waarin de economische ontwikkeling wordt geschetst voor de volgende kabinetsperiode, bij ongewijzigd, reeds ingezet beleid. [5] Dat ongewijzigde beleid is overigens een dagkoers, want de veelal ondoordachte en haastig in elkaar geflanste “progressieve” hervormingen buitelen al enige jaren over elkaar heen met de nodige geldverslindende en het imago van de overheid sterk ondermijnende uitvoeringsproblemen. Deze MLT-raming is het startschot voor de doorrekeningen van de partijprogramma’s en we zullen dus als aftrap kanttekeningen plaatsen bij de raming voor enkele thema’s.

1. Houdbaarheidstekort

Het CPB bepaalt regelmatig het houdbaarheidstekort.[6] Het huidige niveau van overheidsvoorzieningen moet daarbij betaalbaar blijven, zonder verdere aanpassingen in collectieve inkomsten en uitgaven. Als je activiteiten van de publieke sector naar de private sector overhevelt, verhoogt dat veelal de houdbaarheid zonder dat de burger een cent meer in zijn zak krijgt. Die sommetjes zijn natuurlijk volstrekt overbodig bij een overheidsschuld van € 450 mld. eind 2015 omdat hier een eenvoudig te incasseren latente belastingclaim op het pensioenvermogen van ca € 560 mld. tegenover staat. Overheidstekort en overheidsschuld zijn voor Nederland materieel niet bestaand en de EU-bobo’s zouden dat moeten beamen als zij hun boekhoudkundige kennis zouden bijspijkeren en wel een balans konden lezen. De afgefinancierde pensioenen van de ambtenaren bij het ABP en PFZW (netto € 340 mld.) heb ik dan voor een juiste vergelijking met het buitenland nog niet meegerekend. Het Europese stabiliteitspact houdt met deze typisch Nederlandse situatie geen rekening en is daarmee out of touch. Onze nationale instituten CBS, DNB en CPB en de grote meerderheid van onze politici volgen de zienswijze van het Stabiliteitspact klakkeloos. Het Agentschap van de Generale Thesaurie (DSTA) informeert zijn schuldeisers weer wel, zij het onjuist, over de hoogte van de belastingclaim op onze pensioenbuffers (≈ € 300 mld.), maar je burgers kun je beter dom houden.[8]

In het vorige houdbaarheidssommetje Minder zorg om vergrijzing schreef Van Geest nog dat:

“In vergrijzingssommen worden geen beperkingen gesteld aan de hoogte van het EMU-saldo of de EMU-schuld. Intergenerationeel evenwichtige arrangementen kunnen tot een schuldniveau leiden, waarvan de economische literatuur leert dat het een negatief effect op het groeivermogen van een economie sorteert.” [6b, blz 5]

Die economische literatuur is inmiddels in het ronde archief beland [7] , maar het CPB viel zijn lezertjes daar modieus toch enkele jaren mee lastig, hoewel die literatuur voor Nederland natuurlijk volstrekt irrelevant en zeker niet actueel was.[6c]. Jacobs suggereert dat het CPB haar bevindingen van een houdbaarheidsoverschot van 1% bbp (in 2014) relativeert om de “politieke druk maximaal op de ketel te houden”. De berekening van het houdbaarheidssaldo, hoewel gegeven de stand van Rijks’ financiën volstrekt overbodig, is overigens verregaand superieur aan de stompzinnige bepalingen van het Stabiliteitspact.

Zou het CPB onder Van Geest dan toch aan politiek doen? Het is in elk geval goed dit in het achterhoofd te houden als we straks de CPB-doorrekeningen van de partijprogramma’s voorgeschoteld krijgen. Ook is het goed te weten dat eind 2015 de werkelijke overheidsschuld – lees actief -29 mld. bedroeg en als we de derde pensioenpijler meenemen was het overheidsactief zelfs ca € 110 mld.

Het houdbaarheidsoverschot wordt berekend op € 5 mld. of 0,7 % bbp, dat voor deze gelegenheid dus € 714,3 mld. bedraagt.[5, blz 45] Bij de berekening van het houdbaarheidstekort worden de geldstromen contant gemaakt tegen een reële rente van 3%. In een alternatief scenario tegen 2,5% reële rente wordt dat overschot € 0,8 mld. lager. De CPB-prognose zelf gaat echter uit van een rente van 1,9 % in 2021 en met een inflatie van 1,5 % is de reële rente volgens Bartjens 0,4 %. De pensioenfondsen zouden de vingers aflikken met 3% rekenrente en de staat leent momenteel met de staatslening 2047 (!) tegen 0,99%. Het gehanteerde discontopercentage, gelijk aan de 2014 studie [6b], is dus nogal los gezongen van de werkelijkheid en aan actualisering toe.

“Het effect op de winstafdracht van de opbouw van een voorziening door DNB vanwege de risico’s door de kwantitatieve verruiming (QE) is in het budgettaire beeld verwerkt”. [5, blz 47]. Onduidelijk is of daarbij de gesaldeerde opstelling van Dijsselbloem is gevolgd {bruto t/m 2021 €3 mld., netto € 767 mln. [9]} of, zoals je mag verwachten, het CPB de voorziening, om consistent te blijven, heeft herrekend aan de hand van zijn eigen MLTV-renteprognose. In elk geval laat deze voorziening zich in de consolidatie met de boeken van de Staat der Nederlanden op eenvoudige wijze elimineren en is derhalve volstrekt overbodig.

Bij de houdbaarheidsexcercities wordt maar beperkt rekening gehouden met de toename van het pensioenvermogen en wel uitsluitend voor het deel dat binnen de referentieperiode weer tot uitkering komt. Zo nam het pensioenvermogen in de periode 2000- 2015 met € 908 mld. toe en de daarop drukkende belastingclaim met € 318 mld.  Allemaal zonder rekening te houden met de derde pensioenpijler, dus de cijfers zijn ca 16% hoger. De overheidsschuld nam in die periode na eliminatie van de acquisitie financiële vaste activa met € 182 mld. toe. Al die jaren zette het CPB de Nederlandse burgers dus materieel op het verkeerde been met haar houdbaarheidsexcercities. Bij de beoordeling van de houdbaarheid moet je dus tevens naar de overheidsbalans kijken, als je die ten minste juist opstelt. Uitgangspunt zou dan moeten zijn dat je niet op het overheidsvermogen inteert om de komende generaties niet te belasten. Daarbij moet je ook met de AOW-verplichting rekening houden, vooropgesteld dat je die verplichting wel correct berekent.

2. Overheidschuld, overheidstekort en pensioenen

Aan de MLTV ontlenen we de volgende gegevens:

Tabel 1 Enkele kengetallen uit Middellange termijnverkenning 2018 – 2021

(click op tabel om te vergroten)

209_1

(1) Het bbp_2040 en bbp_2060 cijfer is bepaald door met de 2021 groei cijfers door te rekenen. (1,8% groei en 1,7% inflatie). Als de groei na 2023 terugvalt naar 1,6% worden de bbp-cijfers respectievelijk €1.537 mld. en € 2.957 mld..

(2) Het CPB gaat er bij constante arrangementen kennelijk vanuit dat de huidige generatie bestaat uit gekke Henkies en niet te vergeten Ingrids. In 2040 wordt immers geen schuld aan het nageslacht nagelaten, maar een actief van € 5 mld. Dat terwijl 60% van bbp_2040 (€ 1.589 mld.)  toch € 953 mld. is. In het verleden was het gebruikelijk om een dergelijke relatieve overheidsschuld aan het nageslacht door te geven. Zelf erfde ik bij geboorte een overheidsschuld van 132% van het bbp. Als de CPB-prognose voor 2040 de uiteindelijke uitkomst is dan hebben de politieke partijen nù nog iets uit te leggen.

(3) Gewoonlijk stijgt het pensioenvermogen jaarlijks met 8% per jaar, voor de helft door premiestortingen en voor de helft door rendementen. [10] Gezien de slechte resultaten in 2015 en de stand van de economie waag ik mij niet aan een voorspelling van de ontwikkeling van het pensioenvermogen. Hoewel de CPB bij de doorrekening natuurlijk kennis heeft van het verloop van het pensioenvermogen (inclusief derde pijler) met pensioenpremies, uitkeringen en rendement op het vermogen, anders kan de gedetailleerde MTLV-doorrekening niet gemaakt worden, wordt deze informatie aan de burgers onthouden. We weten dus niet of en met hoeveel er wordt ingeteerd op het pensioenvermogen groot ca € 1.600 mld. en de belastingclaim eind 2015 van ca € 560 mld. Een eerdere simulatie van het ABP laat zien dat van intering volstrekt geen sprake zal zijn.[11] In elk geval zou het wel relevant zijn om te weten hoe groot de belastingclaim op het pensioenvermogen in 2021/2040 bedraagt die dan wordt nagelaten. Dat geldt ook voor de mutaties in het pensioenvermogen op basis van de MLTV. Een dergelijk doorrekening zou ook enig licht werpen op de door DNB voorgeschreven rekenrentemethodiek en laten zien wie er uiteindelijk ultimo met de pensioenpoet vandoor gaat.

Uit de MLTV paper is tevens op te maken dat:

♦   De veronderstelde rentestijging leidt tot een verbetering van de dekkingsgraden, waardoor de pensioenpremies kunnen dalen naar 13,6% bruto loon in 2021 en indexatie van 1,2% mogelijk wordt. Aanvullende pensioenen worden niet of beperkt geindexeerd.

♦  Ook de afnemende pensioenpremies in de marksector in 2018‐2021 een positief effect hebben op koopkracht van werknemers. Uiteraard moet die poet nog wel even door de vakbeweging, ondanks de slechte organisatiegraad,  worden binnengehaald en dan niet als een sigaar uit eigen doos. Tevens ontvangt de pensioendeelnemer t.z.t. minder pensioen en strijkt de staat nù gemiddeld 52% aan belasting en sociale premies op i.p.v. later 35%. Dat zouden de media erbij moeten vertellen.

♦  De indirecte belastingen stijgen met 1,9% van het bbp van 11,6% naar 13,5%, vooral door een sterk stijgende consumptiequote als gevolg van hogere pensioeninkomens en stijgende private vermogens. Die stijging van de vermogens komt waarschijnlijk doordat Wiebes’ VRH rendementspercentages ook daadwerkelijk gerealiseerd worden. Alleen vind ik die rente-ontwikkeling en de vermogensinkomsten in de MLTV-cijfers niet terug.

Het is opmerkelijk dat het CPB concludeert dat bij de huidige actuele dekkingsraad geen substantiële afstempeling van pensioenrechten te voorzien is, terwijl de dekkingsraad van de pensioenfondsen, zeker als je de doorsneepremieproblematiek en de toekomstig lagere pensioenpremies in aanmerking neemt, toch ver onder de 100% ligt. De MLTV-rente-ontwikkeling biedt daarvoor weinig aanknopingspunten.

(4) Het zal duidelijk zijn dat intergenerationele neutraliteit, niet onbelangrijk voor een acceptatie van constante arrangementen, een fictie is zonder actieve sturing. De informatie die het CPB daarvoor oplevert, is volstrekt onvoldoende. Die sturing van overheidswege laat voor wat betreft het pensioenvermogen ook al zeker acht jaar op zich wachten.

3. Sociale woningbouw

Tabel 2 geeft enig inzicht in de historische ontwikkeling van het aantal woningen, voor zover dat cijfermateriaal betrouwbaar is [12]:

209_2

(a) Per saldo bleef het aantal sociale woningen praktisch gelijk (Aedes) of steeg nauwelijks (1,2% WR) in de periode 2009 – 2014. Het aantal huishoudens steeg in de periode 2009-2015 met 423.000 huishoudens (0,8% p.j.) , waarvan 297.000 eenpersoons. Het CBS gaat eind 2015 uit van 7.665.000 huishoudens, zodat er per saldo nog 77.000 huishoudens onder de brug wonen.

(b) Er zitten forse verschillen tussen de cijfers van Aedes en de rijksoverheid. De omvangrijke mutaties in 2012 en 2013 zijn mede het gevolg van de overgang naar de BAG, en wat en waarom dat is, mag uzelf uitzoeken.

Het aantal afgegeven bouwvergunningen is ook een graadmeter voor de te verwachten bouw  (CBS Statline):

(click op grafiek of Ctrl + om te vergroten)

209_3

Aan de hand van tabel 2 en grafiek 1 laat zich de volgende tekst uit de MTLV beoordelen:

“Ook de investeringen in woningen groeien minder hard dan in de periode 2014‐2017. De sterke groei in de afgelopen jaren is vooral toe te schrijven aan een stevig herstel op de woningmarkt sinds de crisis. Na 2017 is de inhaalgroei min of meer gerealiseerd en is de beperkte groei van de investeringen in 2018‐2021 toereikend om toekomstige sloop van woningen te vervangen, kwaliteitsverbeteringen uit te voeren en de groei van het aantal huishoudens te accommoderen. De groei van het aantal huishoudens zwakt af naar 0,6% per jaar, onder invloed van demografische ontwikkelingen.”

Daarnaast geldt dat:

De huren hebben de komende jaren een minder sterke opwaartse druk op de kostenontwikkeling

ook blijft het voor de sociale huursegment de vraag of de prognose van van de asielzoekers stroom door het CBS  reëel  is:

“De gemiddelde jaarlijkse asielmigratie komt hierdoor uit op respectievelijk 20.000 personen in de periode 2018-2021 en 45.000 personen in de periode 2014-2017. Cumulatief gezien bedraagt de asielmigratie respectievelijk 80.000 personen in de periode 2018-2021 en 180.000 personen in de periode 2014-2017. De verwachting is echter dat een deel van de asielmigranten na verloop van tijd Nederland weer verlaat. Op basis van het gedrag van asielmigranten uit 1995 wordt in de bevolkingsprognose van het CBS aangenomen dat een derde deel van de asielmigranten uiteindelijk weer uit Nederland vertrekt. ” [1, blz 23 noot 23]

Ik heb geen verstand van onze hibride neoliberale / dirigistisch gereguleerde volkshuisvestingspolitiek maar oordeelt u zelf aan de hand van tabel 2 en grafiek 1. Ik kan geen chocola maken van het accomoderen van de groei van de huishoudens. Zeker niet gegeven het tekort aan sociale huurwoningen met asociale wachttijden (tot 8 jaar). Het CPB loenst een beetje door bij het stevig herstel op de woningmarkt strak één kant op te kijken.

Bij de doorrekening van het VVD-verkiezingsprogramma’s liet het CPB een forse steek vallen, een feit dat nauwelijks aandacht kreeg in de media. [13a] Op elke verkochte woningwetwoning van gemiddeld ca € 150.000 legt de staat tegen contante waarde binnen het huidige regime ca 19,9 % van de aankooprijs toe aan subsidies. Daarvan is 9,3% HRA-infuus en 11,6% derving vermogensrendmentsheffing, die de huurder, als hij een gelijk bedraag spaart, wel zou moeten betalen. De VVD stelde voor om de helft van de sociale huurwoningen (1,2 mln woningen) in 5 à 10 jaar te verkopen. Als we alleen met het HRA-infuus rekenen kost dat de schatkist dus € 16,7 mld. De houdbaarheid van de overheidsfinanciën zou bij uitvoering fors onder druk komen te staan. Van dit alles was tittel noch jota terug te vinden in de doorrekening door het CPB noch in de berekeningen van het Economisch Instituut voor de bouw. [13b]

4. Belastingdruk inclusief  sociale lasten

Bij de vorige doorrekening gooide de verkiezingsprogramma’s van de diverse rechtse partijen zoals de VVD en D66 hoge ogen op het punt van werkgelegenheid door de loonkosten inclusief sociale lasten te drukken en de uitkeringen reëel te verlagen. [13; 16] Het model van het CPB heeft daarbij veel weg van een Skinnerbox waarbij de daarin opgesloten werknemer als een Pavlov hondje gaat kwijlen en harder werken als de belastingen, sociale premies en uitkeringen worden verlaagd. [18]

Partijen die aan het toptarief willen sleutelen zijn alvast gewaarschuwd:

”Bij de CPB-doorrekening van de verkiezingsprogramma’s is nog gerekend met belastingopbrengsten van respectievelijk 200 mln euro bij verhoging van het toptarief naar 60% vanaf 150.000 euro en 400 mln bij verhoging van het toptarief naar 65% vanaf 150.000 euro (CPB, 2012a).De voorgaande analyse laat echter zien dat deze toptarieven tot respectievelijk 120 en 300 miljoen minder belastingopbrengsten zullen leiden. Bij een volgende analyse van een hoger toptarief zal het CPB daarom geen opbrengsten meer inboeken.” [14]

In een eerdere bijdrage toonden we aan dat het CPB zijn eigen publicatie niet goed kan lezen en dat het daaraan ten grondslag liggende panelonderzoek aan alle kanten rammelde. Caminada veegt dan ook in Pecunia Non Olet de vloer aan met het toptarief verhaal:

“In Nederland betalen 8 procent van de belastingplichtigen het toptarief. Daarbinnen worden twee subgroepen waargenomen die hun gedrag nauwelijks kunnen aanpassen om een verhoging van dat toptarief te ontgaan. Dat zijn de senioren [ C.M.: vielen buiten het CPB-panel] die genieten van hun pensioen en dat zijn hoger ingeschaalde ambtenaren die geconfronteerd worden met (een verhoging van) het 52%- tarief. Kortom: zij zijn tamelijk ongevoelig voor verhoging van het toptarief, en zij zijn ook niet in de positie om via fiscaal trapezewerk dergelijk inkomen om te zetten naar lager belast (kapitaal)inkomen.” [15]

5. Werkgelegenheid

Zolang de werkeloosheid gedefinieerd wordt als mensen die substantieel werk hebben of willen en voor wie betaald werk een (zeer) belangrijk onderdeel is van hun dagelijks leven. Daarom werd de grens in Nederland bij 12 uur per week gelegd. In normaal spraak gebruik loopt iemand die 12 uur per week werkt er de kantjes vanaf. Die werkeloosheidscijfers waren daarmee al nietszeggend. Met het overnemen van de internationale begrippen met een één uur grens en een leeftijdsgrens van 15 tot en met 74 jaar werden de werkloosheis- en werkzoekenden cijfers per 1/1/ 2015 helemaal kullaria. [17] Die 74 jaar grens preludeert kennelijk op Rutte III met D66. Op basis van de nieuwe definitie krijg je de volgende stompzinnige CBS-grafiek:

cbs langdurig werkeloos

(a) Vooral de indeling 45 tot 75 jaar is uiterst informatief. De AOW‐leeftijd wordt stapsgewijs verhoogd tot 67 in 2021 en zal daarna ruwweg stijgen met een kwart jaar per twee jaar [5, blz. 44]. Eindelijk zal de AOW-leeftijd dan per 1/1/2044 de door Pechtold voorgestane leeftijd van 70 jaar bereiken.  Het CBS loopt dus door de globalisering van de statistieken wel erg op die situatie vooruit. Het creëren van jobs van een uur per week is hèt middel om goed te scoren met je verkiezingsprogramma. Met dergelijke definities kan het CPB de doorrekening van werkgelegenheidseffecten beter nalaten.

De ontwikkeling van het aantal AOW’ers is volgens de MLTV als volgt:

(click op grafiek of Ctrl +om te vergroten)

209_5

(a) De hel en verdoemenis studie van het CPB (Vergrijzing verdeeld [6a]) uit 2010 was dus wat voorbarig, de toename vlakt al aardig af. Het aantal AOW’ers nam in de periode 2008-2015 met 653.000 toe en zal van 2015 naar 2021 met 65.000 toenemen.

Het volgen van het aantal werkeloosheids-, WIA-, WAO-, Wajong-, WAZ- en bijstandsuitkeringen ligt meer voor de hand. Ook het Lourdes effect van de progressieve hervormingen van de arbeidsmarkt laat zich zo meten. Daar kun je dan nog het aantal windhappers bijtellen, dat zijn mensen die ondanks de voortreffelijke controle door Wiebes’ belastingdienst van de wind leven omdat ze noch inkomen noch vermogen hebben.

De ontwikkeling van het aantal inactieven is volgens de MLTV als volgt:

209_6

(a) De inperking van het aantal bijstandtrekkers is vooralsnog geen succes.

(b) “De reële uitgaven onder het kader sociale zekerheid en arbeidsmarktbeleid dalen € 0,3 mld tussen 2017 en 2021. Als percentage van het bruto binnenlandse product dalen de uitgaven aan sociale zekerheid van circa 11,7% bbp in 2017 naar 11,2% in 2021. Dit is het gevolg van beleid en conjunctuur. De AOW‐uitgaven hebben de grootste bijdrage in deze daling. Als gevolg van de beperkte volumestijging stijgen de AOW‐uitgaven minder hard dan het bbp. Daarnaast dalen de WW‐ en bijstandsuitgaven als % bbp. Dit is het gevolg van een daling van het WW‐volume en de prijsontwikkeling” [5, blz 34]

6. Koppeling uitkeringen aan ontwikkeling minimumloon

“Uitkeringsgerechtigden zien hun statische koopkracht afnemen met gemiddeld 0,2% per jaar. De uitkeringen bewegen mee met de contractlonen. Daartegenover staat dat bijstandsgerechtigden een negatief koopkrachteffect ondervinden van de afbouw van de dubbele heffingskorting in het referentieminimumloon voor de bijstand.”

Grafisch kun je ontwikkeling volgens de MLTV als volgt weergeven:

209_4

Die cijfers achter de komma zijn zeer indrukwekkend en nu maar afwachten waar de verkiezingsprogramma’s meekomen. Het bijstandsbeleid, met de terugval op aanvullende bijstand, wordt inmiddels bij de 408 gemeentes gemaakt, dus het zicht daarop is men landelijk kwijt. Met toenemende rechtsongelijkheid overigens.

7. Slot

Politieke partijen kunnen er voor kiezen om hun verkiezingsprogramma zo te configureren dat het programma optimaal scoort in het CPB-model of ze kunnen zich eens goed onderbouwd gaan verzetten tegen zoveel onzinnige luchtfietserij van het CPB. Dat je je gegevens op een spreadsheetje moet aanleveren en het CPB dat sheetje niet langer toetst aan het partijprogramma werkt natuurlijk ook fraude in de hand en maakt de CPB-excecitie zo mogelijk nog lachwekkender.[1] Als kiezer zullen we dus weer flink aan de bak moeten als die programma’s van de pers komen: we lopen ons al warm. Een ex-post vergelijking van die programma’s met de uitkomst wordt dan ook opportuun of zijn die veelal bewust vaag gehouden programma’s om optimale handelingsvrijheid te houden en daarmee de parlementaire democratie te ondermijnen alleen maar voor de Bühne?

Wie zich overigens al vast  wil oriënteren op mogelijke belastinghervormingen, die de belasting op arbeid drastisch verlagen, kan hier [18] terecht.

__________________

Laatst bijgewerkt 20 april 2016

[1] VK, “Als het CPB niet bestond, zou het moeten worden opgericht”, 16 april 2016, interview met Laura van Geest, directeur CPB met Robert Giebels, die kennelijk zijn huiswerk niet gedaan heeft.

Betaalmuur:

http://www.volkskrant.nl/economie/-als-het-cpb-niet-bestond-zou-het-moeten-worden-opgericht~a4283372/

Het begrip luchtfietserij kwamen we eerder tegen maar sloeg toen op de CPB prestaties:

http://www.binnenlandsbestuur.nl/juridisch/achtergrond/achtergrond/schijnzekerheid-van-het-cpb.165948.lynkx

[2] Voor een nadere toelichting op het begrip neo-liberaal zie:

http://www.theguardian.com/books/2016/apr/15/neoliberalism-ideology-problem-george-monbiot

of als de link niet werkt:

http://warincontext.org/2016/04/15/neoliberalism-the-ideology-at-the-root-of-all-our-problems/

[3] Zie o.a. de bijdragen:

♦  “KNOW THE PAST” on 6 augustus 2015

♦  CPB en overheidsschuld on 5 juni 2013

♦  CPB over de top? on 31 mei 2013

♦  Met een korreltje zout on 6 juli 2012

♦  BBP en CPI – relatief natuurlijk on 25 juni 2012

[4] https://de.wikipedia.org/wiki/Wirtschaftsforschungsinstitut

[5] http://www.cpb.nl/publicatie/middellangetermijnverkenning-2018-2021

[6a] CPB studie 86, “Vergrijzing verdeeld”, juli 2010,  http://www.cpb.nl/node/90

[6b] CPB boek 12, http://www.cpb.nl/publicatie/minder-zorg-om-vergrijzing , 3 juli 2014.

[6c] Bas jacobs, http://www.economie.nl/weblog/cpb-nu-ook-de-greep-van-budgettaire-orthodoxie

[7] De graduate student Thomas Herndon haalde de heren Carmen Reinhart and Kenneth Rogoff onderuit en toonde aan dat er aan het peer review van het blad American Economic Review een steekje los zat:

http://www.peri.umass.edu/fileadmin/pdf/working_papers/working_papers_301-350/WP322.pdf

[8] Dutch State Treasury Agency 5-year DSL Investor Presentation, http://www.dsta.nl/zoekresultaten?query=Dutch+State+Treasury+Agency+5-year+DSL+Investor+Presentation&zoek-submit=

[9] https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2016/03/24/kamerbrief-voorziening-dnb

[10] CPB, “Vermogensschokken en consumptie in Nederland”,http://www.cpb.nl/publicatie/vermogensschokken-en-consumptie-nederland , 23.

[11] ABP, “De pensioenpot blijft gevuld”, http://www.abp.nl/over-abp/nieuws/2012/de-pensioenpot-blijft-gevuld.asp

[12| Bron data in tabel 2:

[12a] http://www.aedes.nl/content/feiten-en-cijfers/woning/hoe-ontwikkelt-het-bezit-van-corporaties-zich/expert–hoe-ontwikkelt-het-bezit-van-corporaties-z.xml#download Bij het huidige beloningsniveau bij de woningcorporaties kunnen je natuurlijk niet verwachten dan sluitende opstellingen worden opgeleverd. Hopelijk gaan ze zorgvuldiger met hun Maserati”s om. De tellingen en transporten zijn kloppend gemaakt.

[12b] https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2016/04/11/cijfers-over-wonen-en-bouwen-2016

[12c] http://statline.cbs.nl/Statweb/publication/?DM=SLNL&PA=37296ned&D1=8-13,52-56&D2=0,10,20,30,40,50,59-65&HDR=G1&STB=T&VW=T

[13a] Ad van der Stolk, “Miljardengaten in de VVD-plannen”, http://sargasso.nl/archief/2010/05/31/miljardengaten-in-de-vvd-plannen/ , inclusief een nadere kwanticering in de reacties van mijn hand.

[13b] Economisch Istituut voor de bouw, “Verkiezingsprogramma’s. Gevolgen voor de woningmarkt en de bouwproduktie” http://www.eib.nl/verkiezingsprogrammas/verkiezingsprogramma’s.pdf, blz 102.

[14] http://www.cpb.nl/persbericht/3213502/geen-extra-belastinginkomsten-door-hoger-toptarief

[15] K. Caminada (2011), Overleven we een verhoging van het toptarief?, Almanak 2011 Pecunia Non Olet, Leiden: PNO pp.13-15, http://media.leidenuniv.nl/legacy/kc-2011-06.pdf blz 2.

[16] http://www.volkskrant.nl/politiek/pvda-ers-vvd-program-op-termijn-beste~a993970/

[17] http://www.volkskrant.nl/economie/hoe-de-werkloosheid-door-andere-definitie-opeens-2-procent-daalt~a3683179/

[18] Koen Caminada, “De tragiek van gefaalde ambities en gemiste kansen rond belastinghervorming”, Me Judice, 23 september 2015, http://www.mejudice.nl/artikelen/detail/de-tragiek-van-gefaalde-ambities-en-gemiste-kansen-rond-belastinghervorming

Jacobs, Bas (2015), “Belastingen op Kapitaalinkomen in Nederland”, Tijdschrift voor Openbare Financiën, 47, (1), 24-48, http://people.few.eur.nl/bjacobs/

en de bijdrage Belasting op kapitaalinkomen volgens Jacobs voor een nadere kwantificering.

Advertenties

From → 2. Archief

Geef een reactie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: