Skip to content

CBS Totale pensioenaanspraken (AOW)

1 september 2015

__________________________________________________

Het CBS heeft in een tweetal publicaties de totale pensioenaanspraken van Nederland in kaart gebracht. [1]

De publicatie geeft aanleiding tot een aantal kanttekeningen. Uitgaande van een inflatie van 2%, een welvaartsstijging van 1% en een rekenrente van 3%, had het CBS ook gewoon met nominale netto AOW-uitkeringen kunnen rekenen. Dat had een hoop werk gespaard en zou een beter inzicht geven in de werkelijke AOW-verplichting.

Dat het CBS niet met de netto AOW rekent hoewel de overheid over de AOW-uitkering box I belasting, premie volksverzekeringen, bijdrage zorgverzekeringswet en b.v. over de bestedingen ca 8% BTW ontvangt, lijkt mij methodisch volstrekt onjuist. Het gaat voor de lage inkomens toch om zo’n 30% over het bruto inkomen. Zonder die AOW-uitkering zou de overheid die marginale inkomsten ook niet ontvangen. Dit vermindert de schuld inzake de AOW-aanspraak van € 1.356 eind 2013 minimaal met zo’n € 416 mld.

Uitgaande van de Eurostat systematiek maar rekening houdend met de belastingen en sociale premies op de uitkeringen bedraagt de contante waarde van de AOW-verplichtingen eind 2013 ca € 657 mld. ca 48 % van het bedrag dat het CBS ons voorschotelt. Met het AOW-hiaat  van de opgebouwde rechten van onze voornamelijk allochtone bevolking is dan, net als bij het CBS, nog geen rekening gehouden. Voorzover onze ex-AOW’er een sociale uitkering krijgt moet die besparing op die uitgaven ook nog van de verplichting worden afgetrokken.

“The transmission of the supplementary table on pensions will become obligatory for Member States by the end of 2017.” Tot op heden is deze data door het CBS dus nog niet geactualiseerd.[5]

__________________________________________________

§1 Inleiding

Het CBS heeft de waardering van de AOW-verplichtingen in kaart gebracht binnen het kader van een Europees project dat eist dat de landen dit doen vanaf 2015 2017. [1] De verplichtingen worden gewaardeerd tegen de DNB-rekenrente om aan te sluiten bij de pensioenfondsen “systematiek”. Deze rekenwijze wijkt af van de Eurostat systematiek die van een reële rekenrente van 3% uitgaat (nominaal 5%). Het voordeel van de DNB methodiek is dat de aanspraken “omhoog gestuwd worden door de de lage rente.”[1a, blz 18]

Grafiek 1 De AOWverplichting in kaart 2008-2013

184_3

(a) De contante waarde van de AOW-verplichtingen (blauw) tegen 3% reële rente, zoals door Eurostat voorgeschreven, eind 2013 zo’n € 940 mld. De rode stippellijn geeft de verplichting aan als rekening wordt gehouden met de belasting- en premie opbrengsten van de AOW-uitkering. Dit is de meer realistische benadering.

(b) Wij zijn anders dus de grafiek toont ook de contante waarde van de AOW-verplichtingen (rood) tegen de DNB UFR (tot 4,2%) inmiddels is deze UFR top natuurlijk verlaagd tot 3,3%. [2] Eind 2013 is de contante waarde van de AOW-verplichting € 1.356 mld. op deze basis. Het verschil eind 2013 met de verplichting op basis van de Eurostat systematiek is ca € 416 mld. De rode stippellijn toont weer de nettoverplichting na belasting en sociale lasten en komt bijna uit op de bruto eurostat systematiek eind 2013.

(c) Het zal duidelijk zijn dat de AOW-verplichting in de door het CBS gekozen systematiek aanzienlijk sneller oploopt. Hoeveel sneller blijkt uit de onderstaande grafiek:

Grafiek 2 Index AOW verplichtingen UFR en Eurostat methodiek 2007=100

184_3

(i) We zullen binnenkort van DNB en het CPB dus wel weer te horen krijgen dat we flink moeten bezuinigen. We moeten tenslotte nuchter blijven. Opkrikken van de AOW-verplichting die op de Hollandse wijze zo’n 44% hoger uitvalt dan internationaal voorgeschreven helpt daarbij natuurlijk.

§2 Kanttekeningen bij de pensioenaanspraken van Nederland in beeld

(1) De AOW-aanspraken zijn de nominale AOW-aanspraken. Zoals bekend is de AOW waardevast en volgt dus de welvaartsontwikkeling althans op papier en volgens het CPB als die weer eens een houdbaarheidscalculatie moet maken. In de praktijk weten we dat daar aanzienlijk minder van terecht komt. Bij de AOW geldt immers net als bij het pensioen dat je garantie hebt voor de hoogte van de uitkering tot de spreekwoordelijke deur. Heeft het CPB niet recent een sommetje gemaakt om te zien wat de effecten zouden zijn als de AOW 10% werd verlaagd? [3]

Het CBS zal toch met een betere motivering moeten komen om de afwijking van de Eurostat systematiek te verklaren (zie grafiek 2). Gewoonte en verwijzing naar de pensioensystematiek is wel een zeer matige verklaring. Wij zijn anders en weten het altijd beter is te Nederlands, hoewel in het internationale verkeer niet ongebruikelijk en deel van onze volksaard. Als de AOW te duur wordt, wordt de regeling gewoon gekort. Dat is in het verleden ook herhaaldelijk gebeurt. Er is dus geen enkele reden om de risicovrije rente te hanteren bij het contant maken van AOW-verplichting. Ook het CPB werkt nog steeds met 3 %  reële discontovoet (policybrief 2015/06).

[2] Als we toch vergelijken met het buitenland zou men natuurlijk ook even op de belastingclaim van € 539 mld. eind maart 2015 op het pensioenvermogen kunnen wijzen. Dan kan Eurstat dat ook even meenemen voor het Groei- en Stabiliteispact.

[3] Volgens het CBS bedragen de pensioenaanspraken eind 2014 € 2.511 of 386% bbp. We vullen deze gegevens meteen maar aan met de cijfers op Eurostat basis zoals door het CBS berekend en afgelezen uit hun grafiek [1b, blz 15] en de werkelijke cijfers en krijgen dan de volgende tabel :

184_2

(a) Het CBS besteed geen aandacht aan het feit dat de overheid ca 30% van de AOW-uitkering terugontvangt en 23,5% zelfs niet eens uitkeert door inhouding bij de AOW-uitkering. Die 30% bestaat uit belastingen box I, sociale premies en ca 8% BTW over de bestedingen en is dus nog exclusief andere (indirecte) belastingen. Internationale afspraken over de berekeningswijze die dit aspect niet meenemen kunnen methodisch de toets der kritiek m.i.z. dan ook niet doorstaan. Het gaat natuurlijk om de netto last voor de overheid van die pensioenaanspraken.

(b)  Die 6% , € 151 mld, duidt het CBS ook aan als derde pijler pensioenen en bestaat blijkens een voetnoot uit levensverzekeringen en lijfrentes.Volgens de DNB-statistieken bedroeg het bedrag aan lijfrentes eind 2013 € 141,9 mld. [4]. Daarnaast hebben we nog ca € 87 mld. aan kapitaalverzekeringen.

De derde pijler omvat echter meer dan lijfrentes, ook de fiscale oudedagsreserve (FOR) en de pensioenen in eigen beheer vallen hier b.v. onder. De opsomming is dus niet compleet. Het CBS komt op gezag van Tower Watson op 166 % bbp_2014 voor de “pensioenfondsmarkt”. [1a blz 14] In werkelijkheid is dat dan 209% voor de tweede pijler exclusief derde pijler. Het werkelijk tweede pijler pensioenvermogen ( incl. algemene reserves) is ontleend aan de bijdrage Pensioenen.

(c) Het pensioenvermogen inclusief derde pijler (ad  € 181 mld.) bedroeg eind 2012 ca 212% bbp (Knot) of € 1.271 mld. Op basis van de herstelplannen maken de pensioenfondsen ca 4,7% rendement en kunnen we dus de € 181 mld. met 1,047 vermenigvuldigen voor 2013.

(4) Dat de ontvangen premies AOW in 2014 slechts 69% van de AOW-uitgaven dekten, zoals het CBS stelt, is een leugenachtige voorstelling van zaken door de toerekening van de heffingskortingen. [blz 6)

§3 Kanttekeningen bij Constructing the supplementary Pension table for the Netherlands

(1) De AOW-verplichting is waardevast en de verplichting moet dus op deze basis worden berekend. Bij een waardevaste AOW hoort een dekkingsgraad van ca 135% en zou de aanspraak derhalve op € 1.831 mld. moeten worden gesteld.

(2) De bijstandsuitkeringen voor de deficieten in de AOW-opbouw ( o.a. immigranten) is zo te zien ten onrechte niet meegenomen. Dat probleem wordt nog pregnanter door die archaïsche startleeftijd van 15 jaar voor de opbouw van de AOW.

(3) De motivering van de gehanteerde rekenrente is net zo sterk als de motivering van die rekenrente voor de berekening van de pensioenverplichting tweede pijler. In tegenstelling tot de nominale pensioenverplichting is de indexatie van de AOW echter wel hard.

(4) Als de gelijkenis met de tweede pijler pensioenen wel opgaat heeft de overheid een reservetekort van 28 % of € 380 mld. (dekkingsgraad 128%) en moet die overheid een herstelplan indienen om eind 2027 op dat percentage tekomen.

(5) Uitgaande van een inflatie van 2%, een welvaartsstijging van 1% en een rekenrente van 3%, had het CBS ook gewoon met nominale netto AOW-uitkeringen kunnen rekenen. Dat had een hoop werk gespaard en zou een beter inzicht geven in de werkelijke AOW-verplichting.

(5) De AOW-leeftijd zal toenemen naar 71,5 jaar in 2060. (blz 12). Dat gegeven zal je om onduidelijke redenen in [1a] niet terugvinden.

(7) Door de doorsneepremieproblematiek (1/50 recht per jaar) bij de AOW en de logica van de opbouw vanaf je 15e jaar krijg je uiteraard problemen met sterftetafels en intereststaffels als je voor bijna 100 jaar die gegevens moet doorrekenen. Over het nut daarvan, kan men kort zijn. Zo de berekening al niet op grond van §2 (1) het ronde archief in kon, dan is dit in elk geval een reden om de berekening met een flinke korrel zout te nemen.

Het CBS, en het review panel w.o. DNB en CPB [1b, blz 5],  hebben dus nogal wat steken laten vallen. Het CBS moet overigens eerst zijn pensioenstatistieken maar eens op orde brengen inclusief een compleet plaatje van de derde pensioenpijler, en dit vervolgens of simultaan synchroniseren met DNB.

_________________

Laatst bijgewerkt 11 september 2015 / noot [5] 4/2/2017

[1] CBS

[1a] Totale pensioenaanspraken van Nederland in beeld (pdf: 1,0 mb)

[1b] Constructing the Supplementary Pension Table for the Netherlands (pdf: 0,9 mb)

[1c] Pensioentabel 2012 (maatwerktabel)

[2] http://www.dnb.nl/nieuws/nieuwsoverzicht-en-archief/dnbulletin-2015/dnb324317.jsp

[3] http://www.cpb.nl/publicatie/herverdeling-in-een-levensloopperspectief

[4] https://www.statistics.dnb.nl/huishoudens/index.jsp

[5] http://ec.europa.eu/eurostat/web/pensions/overview

en de Nederlandse data

https://www.cbs.nl/NR/rdonlyres/DD815BF0-D0D7-449E-BEB5-43DD105716FD/0/2015constructingthesupplementarypensiontable.pdf

Advertenties

From → 0. Permanent

Geef een reactie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: